quote:Op zaterdag 18 juni 2005 21:25 schreef BlokkieNationalist. het volgende:
Overigens is ook hun sprookjeboek zwaar antisemitisch:
'Alzo zeiden wij(*) tot hen""Wees verachte apen"' (2.66)
En ook over Joodse mensen:
'Die Allah heeft vervloekt en over wie hij(*) zijn (*) toorn heeft uitgestort en van wie hij (*) apen, zwijen en duivelsdienaren heeft gemaakt. Dezen zijn inderdaad in een slecht toestand en ver van het rechte pad afgedwaald' (5.61)
Mohammed (moge hij branden in de hel) had zo'n hekel aan Joodse mensen omdat zijn oorspronkelijk plan de Joodse mensen in Medina en Mekka (intellectuelen die hij als de minkukel die hij was verafgoode) niet met hem in zee wilden. Toen hij door terreur, misdaad en massamoord dan toch de macht in handen kreeg werden de Joodse mannen dan ook vermoord en de Joodse dames ruw en beestachtig verkracht. Hitler was bijna koorknaapje vergeleken bij mohammed (moge hij branden in de hel), bij wijze van spreken dan beide beesten waren natuurlijk even slecht.
(*) Oorspronkelijk allen met hoofletter geschreven maar de valse profeet en zijn waandenkbeeld van het goddelijke dienen niet aldus weergegeven te worden.
O ja, dit alles is mijn spirituele overtuiging dus bij eventuele aanklacht beroep ik me op het vertellen van de waarheid (bron: sprookjesboek koran en geschreven historie) alsmede mijn recht op godsdienstvrijheid.
MIJN BRON : DE HERE GOD's WOORD ! DE BIJBEL !
LEES EN BEGRIJP :
Ter getuigenis dat de Here God, waarover ik betuige de enige God is van Abraham Isaac, en Jakob.
Want Hem is Israël en haar volk lief.
Psalm 135
1 Halleluja.
Looft de naam des HEREN,
looft, gij knechten des HEREN,
2 gij, die staat in het huis des HEREN,
in de voorhoven van het huis van onze God.
3 Looft de HERE, want de HERE is goed,
psalmzingt zijn naam, want die is liefelijk,
4 want de HERE heeft Zich Jakob verkoren,
Israël tot zijn eigendom.
5 Ja, ik weet, dat de HERE groot is,
dat onze HERE boven alle goden is.
6 De HERE doet al wat Hem behaagt
in de hemel en op de aarde,
in de zeeën en alle waterdiepten;
7 Hij doet dampen opstijgen
van het einde der aarde,
Hij maakt bliksemen bij de regen,
Hij doet de wind uit zijn schatkamers uitgaan.
8 Hij was het, die de eerstgeborenen van Egypte sloeg,
zowel mens als dier;
9 die tekenen en wonderen in uw midden zond, Egypte,
tegen Farao en al zijn knechten;
10 Hij was het, die grote volken versloeg
en machtige koningen doodde:
11 Sichon, de koning der Amorieten,
Og, de koning van Basan,
en alle koninkrijken van Kanaän;
12 die hun land ten erfdeel gaf,
ten erfdeel aan Israël, Zijn volk.
13 O HERE, uw naam is tot in eeuwigheid,
HERE, uw gedachtenis is van geslacht tot geslacht.
14 Want de HERE doet zijn volk recht,
over zijn knechten ontfermt Hij Zich.
15 De afgoden der heidenen zijn zilver en goud,
het werk van mensenhanden.
16 Zij hebben een mond, maar spreken niet,
zij hebben ogen, maar zien niet,
17 zij hebben oren, maar horen niet,
ook is er geen adem in hun mond.
18 Wie hen maakten, zullen worden als zij,
allen die op hen vertrouwen.
19 Gij huis van Israël, prijst de HERE,
gij huis van Aäron, prijst de HERE,
20 gij huis van Levi, prijst de HERE,
gij die de HERE vreest, prijst de HERE.
21 Geprezen zij de HERE uit Sion,
Hij, die te Jeruzalem woont. Halleluja.
Psalm 83
1 Een lied. Een psalm van Asaf.
2 O God, houd U niet stil,
zwijg niet en blijf niet werkeloos, o God.
3 Want zie, uw vijanden tieren,
uw haters steken het hoofd op;
4 zij smeden een listige aanslag tegen uw volk
en beraadslagen tegen uw beschermelingen.
5 Zij zeggen: Komt, laten wij hen als volk verdelgen,
zodat aan de naam van Israël niet meer wordt gedacht.
6 Want zij hebben eensgezind beraadslaagd,
tegen U een verbond gesloten:
7 de tenten van Edom en de Ismaëlieten,
Moab en de Hagrieten,
8 Gebal, Ammon en Amalek,
Filistea met de inwoners van Tyrus;
9 zelfs Assur heeft zich bij hen gevoegd,
zij zijn de zonen van Lot tot steun. sela
10 Doe hun als Midjan,
als Sisera, als Jabin aan de beek Kison,
11 die bij Endor vernietigd werden,
tot mest werden voor het land.
12 Maak hen, hun edelen, als Oreb en Zeëb,
als Zebach en Salmunna al hun vorsten,
13 die zeiden: Wij willen in bezit nemen
de woonsteden Gods.
14 Mijn God, maak hen als een werveldistel,
als kaf voor de wind.
15 Gelijk een vuur dat het woud verbrandt,
gelijk een vlam die de bergen in laaiende gloed zet,
16 vervolg hen zó met Uw storm,
verschrik hen met uw wervelwind;
17 overdek hun aangezicht met schande,
opdat zij Uw naam zoeken, o HERE.
18 Laten zij voor immer beschaamd en verschrikt worden,
schaamrood worden en te gronde gaan,
19 opdat zij weten, dat alleen Uw naam is: HERE,
de allerhoogste over de ganse aarde.
Halleluja!
Kortom Allah die het goedkeurd dat "zijn" Heilige Joodse volk word beschimpt ???
!!! Wakker worden !!!
(Allah en Christelijke God waren toch gelijk ?)
WED MAAR VAN NIET !
Wie Israël en zijn volk haat, haat de Here God van het Christendom !!!!!
En God zal de haters straffen !