Tweede Kamer nodigt Bersiap-ontkenners uit voor hoorzitting over IndiŽ-onderzoek

De Tweede Kamer heeft twee notoire Bersiap-ontkenners uitgenodigd voor een hoorzitting over het eenzijdige Indië-onderzoek. Het gaat om de Indonesiërs Jeffry Pondaag en Bonnie Triyana. De invitatie markeert een dieptepunt in de parlementaire geschiedenis. Niet eerder gaf de volksvertegenwoordiging een podium aan Bersiap-revisionisten.

De uitnodiging is een klap in het gezicht van (Indische) Nederlanders, die tijdens de Bersiap zwaar hebben geleden onder het Indonesisch extreme geweld. Bersiap is Maleis voor “Wees paraat” of “Geef acht!”. Het is de strijdkreet van Indonesische (para)militaire organisaties en bendes, die vrijwel direct na de capitulatie van Japan dood en verderf zaaiden onder aanvankelijk met name niet-Indonesiërs in Nederlands-Indië. Gedurende deze uiterst gewelddadige periode zijn duizenden (Indische) Nederlanders door Indonesiërs op gruwelijke wijze gemarteld, verkracht en vermoord vanwege hun Nederlandse en/of Europese afkomst. Het exacte aantal Nederlandse slachtoffers is tot op heden onduidelijk. De schattingen variëren tussen de 5.000 en 30.000 doden en 15.000 vermisten. Ook Chinezen, Molukkers en andere groepen werden slachtoffer, al is onduidelijk hoeveel.

De Indonesiërs die de Tweede Kamer nu heeft uitgenodigd zijn berucht om hun onversneden Bersiap-ontkennende standpunten. Triyana zorgde begin dit jaar nog voor grote woede door als gastcurator van het Rijksmuseum aan te kondigen dat hij de historische term Bersiap zou schrappen uit zijn tentoonstelling. Volgens de zelfverklaard activist en uitgesproken Soekarno apologeet zou de term namelijk “racistisch” zijn. Triyana ontkent daarbij bovendien de verantwoordelijkheid van Indonesiërs voor de door hun gepleegde etnische zuivering op aanvankelijk vooral (Indische) Nederlanders. In werkelijkheid zou de schuld volgens Triyana bij “het onrecht dat het kolonialisme creëerde” moeten worden gezocht. De denkbeelden van Triyana vormen een schoolvoorbeeld van Bersiap-ontkenning en ontketende dan ook een nationale rel. Daarop besloot het Rijksmuseum om de term toch maar niet te censureren.

Ook de radicale Pondaag bagatelliseert met regelmaat de Bersiap. Hij deed dat onder andere in een bizar gesprek, dat de leiding van het grote Indië-onderzoek had georganiseerd met een bont gezelschap antikoloniale activisten. Pondaag riep bij die bijeenkomst onder andere: “Wie zijn die mensen die die Bersiap doen? Wie zijn dat? Indonesiërs?! Hoe kommen jullie er bij?”. Ook deed de Soekarno-idolaat tevergeefs aangifte tegen het Rijksmuseum wegens het hanteren van het begrip Bersiap. De standpunten van Pondaag beperken zich doorgaans overigens niet tot het ontkennen van de Bersiap. Met name (Indische) Nederlanders worden met regelmaat door Pondaag weggezet als oorlogsmisdadigers, racisten en (land)verraders. Ook riep Pondaag vorig jaar nog op dat de Gouden Koets in brand zou moeten.

Waarom de Tweede Kamer Pondaag en Triyana heeft uitgenodigd is een raadsel. Helder is evenwel dat de uitnodiging is goedgekeurd door de Vaste Commissie voor Buitenlandse Zaken. Dat betekent dat een meerderheid van de Kamerleden met de opmerkelijke uitnodiging heeft ingestemd. Of er ook Kamerleden zijn geweest die tegen het uitnodigen van de Bersiap-ontkenners heeft gestemd is vooralsnog onduidelijk.

De hoorzitting, met als titel “Rondetafelgesprek over de uitkomsten van het onderzoeksprogramma ‘Dekolonisatie, onafhankelijkheid, geweld en oorlog in Indonesië, 1945-1950’”, is verdeeld over twee dagen en vindt plaats op maandag 23 en 30 mei.