OM vraagt om aanhouding in zaak liquidatie JaÔr Wessels

Het Openbaar Ministerie Midden-Nederland heeft de rechtbank gevraagd om de behandeling van het onderzoek naar de liquidatie van Jaïr Wessels in juli 2017 in Breukelen aan te houden. Aanleiding hiervoor zijn de verklaringen afgelegd door een van de verdachten in dit onderzoek.

Deze verdachte, een 34-jarige man uit Schiedam, heeft in ruil voor een lagere eis door het OM in zijn eigen zaak verklaringen afgelegd. Deze verklaringen betreffen meerdere moorden en voorbereidingshandelingen daartoe, bedreigingen, poging doodslag, wapenbezit en een criminele organisatie. Hij heeft niet alleen verklaard over het aandeel van anderen bij die feiten, maar ook over zijn eigen aandeel. Deze verklaringen zijn een belangrijke stap om naast de schutters ook de opdrachtgevers van deze en andere moorden voor de rechter te kunnen brengen.

De officieren wezen erop dat het aantal moorden in de onderwereld is gestegen. Daders zijn vaak jonge mannen die worden ingehuurd om liquidaties te plegen. Dit gebeurt met volautomatische wapens, ook in de openbare ruimte. Dat hierbij omstanders worden geraakt of de verkeerde persoon wordt vermoord, wordt voor lief genomen. Gevoelens van onveiligheid nemen hierdoor toe, onderzoeken verlopen moeizaam door het gesloten karakter van het criminele milieu. “Het is tijd dat deze geweldsspiraal wordt doorbroken”, aldus de officieren, “en daarvoor moeten er verdachten zijn die de moed hebben om te verklaren over hun rol en die van anderen.”

Het motief van de kroongetuige in dit onderzoek om te verklaren is dat hij vreest voor zijn leven en geen andere uitweg ziet. Zijn verklaringen zijn aan het dossier toegevoegd maar alleen voor zover ze betrekking hebben op het liquidatieonderzoek in Breukelen. Andere informatie wordt met het oog op het opsporingsonderzoek en de veiligheid van de kroongetuige en anderen niet gedeeld. Dit onderzoek, gericht op de toedracht van feiten en de betrouwbaarheid van de verklaringen, loopt nog volop. Verdachten en getuigen moeten nog in beeld worden gebracht en gehoord. In het belang van de waarheidsvinding kan de inhoud van de verklaringen en van de overeenkomst nog niet bekend worden. Naar verwachting kan de inhoud van de overeenkomst pas eind 2019 worden gedeeld.

Nu de verklaringen van de kroongetuige nog nader moeten worden onderzocht, en de waarde van deze verklaringen pas na afronding van het onderzoek in volle omvang door de rechtbank kan worden bepaald, moet de zaak tegen de getuige worden aangehouden, zo betoogden de officieren. Daarnaast zijn er nog andere redenen om de behandeling aan te houden zoals de verschillen in verklaringen, een recent verschenen NFI-rapport en het verdedigingsbelang. Naast aanhouding, heeft het OM verzocht om de verklaringen van de kroongetuige toe te voegen en de voorlopige hechtenis van de 34-jarige en 44-jarige verdachten voort te zetten. De rechtbank beraadt zich op deze verzoeken.