Waan van het bloedbad


Ik zat met mijn vriend Salomon op het terras. Allebei genoten we van het prachtige warme, vroeg zomerse weer. We maakten ons niet druk over de klimaatsverandering; dat deden andere mensen maar. De krant lag nog ongelezen op het terrastafeltje naast de asbak en de kleine menukaart. Door de wimpers van onze dichtgeknepen ogen zagen we opwaaiende rokjes en lieve-vrouwentongetjes die aan ijsjes likten.
We bestelden wat te drinken. Twee cola met citroen.
Salomon stootte me aan en in plaats van mij te attenderen op het zoveelste mooie meisje dat voorbij kwam dartelen, trok hij zijn schoen uit. Vervolgens stak-ie een sigaret op en zette de schoen op tafel. Een aantal studenten aan een terrastafeltje naast ons was druk in gesprek. Ze hielden prompt op toen ze zagen wat Salomon van plan was. Even wachtte hij nog. De man is een meester in timing en heeft ooit nog eens een blauwe maandag op de toneelschool vertoefd. Salomon boog zich over de schoen, trok eens flink aan zijn sigaret en blies de rook uit in de schoenzool.
"Wordt er een nieuwe Paus uitgeroepen, Salomon?" vroeg ik op lijzige toon.
Waarop hij zei: "Nee, dit is een Jood die op de bus staat te wachten."
Ik kwam bijna om van het lachen.

Thuisgekomen voelde ik me wat tipsy. De cola werd die middag nogal snel opgevolgd door trappist en witbier met een whisky toe. Daarnaast was ik nog wat duizelig van de zon die iets te lang op mijn kruin had geschenen.
Ik moest denken aan de grap die Salomon met me had uitgehaald en lachte in mezelf.
Wat was het stil in huis. Er was zelfs geen getik van een klok te horen. Hoe lang woonde ik hier nu? Na een aantal keren de jaren te hebben geteld hield ik het voor gezien. Het stemde mij deprimerend. Dit huis is al lang niet nieuw meer. Moest maar weer eens snel verhuizen. Weet niet wat het de laatste tijd met me is, maar telkens wil ik ergens anders zijn. Ben omgevingen sneller beu dan ooit tevoren. Telkens weer iets nieuws. Nieuwe kicks en nieuwe mensen. Zo moeilijk kan dat toch niet wezen?
Hopend op wat spannend wereldnieuws zette ik de tv aan. "Bloedbad op een Amerikaanse universiteit. Dodental: ongeveer dertig. Maar dat getal kan mogelijk oplopen."

Meteen belde ik Salomon op. Kreunend nam hij op. Hij lag al te slapen.
"Heb je het al gehoord?"
"Ik geloof van niet?"
"Dertig doden op een Amerikaanse universiteit. Een mafketel heeft daar in het wilde weg op leerlingen en leraren geschoten."
"Godsamme..."
"Volgens mij zijn er nog nooit zoveel doden gevallen op een school in het land van de vrijheid."
"Mogelijk, maar er zijn wel miljoenen slachtoffers gevallen door zelfmoordaanslagen en oorlogen."
"Je wilt me nu toch niet vertellen dat alles relatief is, hŤ?"
"Ik wil je vooral vertellen dat het heel erg is, maar dat ik wil slapen. Eerlijk gezegd doet het me niet zo heel erg veel meer. Beetje waan van de dag."
"Nou, welterusten dan."
"Ja, doei."

Vreemd, vriend Salomon die zich weinig aantrekt van een ellendig bloedbad met mogelijk een grote nasleep. Tijdens de Tweede Golfoorlog zaten we uren aan de telefoon en op een gegeven moment zat hij zelfs hier naast me op de bank alle nieuwsuitzendingen te volgen.

De tv bleef het bericht herhalen. Ik maakte me klaar voor het slapen gaan. Mijn bed rook naar frisse lakens en in het bijzijn van mijn kat trok ik m'n kleren uit. Met alleen nog een boxershort aan ging ik op bed liggen. Stel je nou eens voor dat straks, als ik heerlijk lig te slapen, opeens de deur open zou zwaaien en een psychopaat me plotsklaps zou neerschieten? Dat ik niet eens de kans heb om iedereen vaarwel te zeggen, laat staan me te verdedigen. Dat ik, doorzeefd met kogels en badend in het bloed, op de schone lakens lig. Zonder waarschuwing dood verklaard. Hier in mijn kamer, waar ik al lang niet meer wil wezen. Met kippenvel op mijn armen viel ik in een onrustige slaap.

Vanochtend werd ik wakker. Ik leefde nog. Wťl overviel me het vervelende gevoel dat Salomon zo vreemd reageerde op het nieuwsbericht.
Op mijn mobiele telefoon zag ik een sms- bericht. Van Salomon.
"Srry vr gistrn. Kwas moe."

Moe. Vast en zeker moe van alle informatie die hij op een dag te verwerken krijgt. Het aantal doden doet hem niets meer, de aanleiding misschien zelfs nog minder. Elke dag een bloedbad en hij weet precies waar en wanneer. Het taboe doorbroken. Een bloedbad als waan van de dag. Ik kan het nog steeds niet begrijpen. Een koude douche hielp me niet uit de verwarring.

Bij de ontbijt-tv komen de berichtgevingen nog steeds binnen. Het grote speculeren is begonnen.
Op een ander net is een tekenfilm te zien. Tom ontploft wanneer Jerry hem een poets bakt.
Ik moet weer lachen.