OM eist taakstraf en (voorwaardelijke) celstraf tegen acteur Thijs Rmer

Het Openbaar Ministerie (OM) in Noord-Nederland heeft tegen een 44-jarige man uit de gemeente Waterland een taakstraf van 240 uur geëist en daarnaast een gevangenisstraf van 90 dagen, waarvan 89 voorwaardelijk. Het OM verdenkt de man van strafbaar grensoverschrijdend seksueel gedrag tegenover drie minderjarige meisjes vanaf november 2015 tot ruim twee jaar daarna.

De officier van justitie acht bewezen dat de verdachte de drie slachtoffers in de leeftijd van 14 tot 16 jaar heeft verleid tot ontuchtige handelingen. Hij heeft via chats op social media naaktfoto’s naar de slachtoffers gestuurd. Ook stuurden de slachtoffers naaktfoto’s en -video’s naar de verdachte. Daarom wordt hem eveneens het bezit van kinderporno ten laste gelegd.

Vertrouwensrelatie
Uit drie aangiften, acht verklaringen van getuigen en onderzoek naar zes telefoons komt de verdachte, een bekend acteur, naar voren als een persoon die actief contact had met zijn fans. De band van de verdachte met zijn fans voelde, zeker voor de drie slachtoffers, als een soort vertrouwensrelatie. Tot diep in de nacht werden persoonlijke worstelingen en psychische problemen besproken. Eerst via Twitter en Instagram, later via WhatsApp.

De officier ziet een patroon in de handelwijze van de verdachte. Eerst is er een soort van aanloop in de gesprekken om vertrouwen op te bouwen, waarna de verdachte overgaat op seksueel getinte gesprekken. “Als het dan weer over ‘gewone’ zaken ging, dan werd hij gauw verveeld en wist het zo te draaien dat dit weer over seks ging.”

Verantwoordelijkheid
De verdachte had fanatieke fans. De officier merkt op dat het omgaan met fans balanceren is tussen wat je wel en niet kunt doen: “Fanatieke fans voelen zich vaak verbonden met de door hen aanbeden persoon, waardoor ze zich vaak afhankelijk maken. Dat besef zal een bekend persoon altijd moeten hebben in de contacten met fans, helemaal als het gaat om minderjarigen. (…) Daarbij is hij verantwoordelijk. Nooit kan dit afgewenteld worden op de adoratie en bereidwilligheid van de fan.”

De officier concludeert op basis van de verklaringen van de verdachte dat hij geen volledige verantwoordelijkheid neemt voor zijn gedrag. Hij heeft er onder meer geen herinnering aan of zegt in de war te zijn geweest.

Strafeis
In de strafeis is geen rekening gehouden met het feit dat de verdachte bekend is, waardoor er veel media-aandacht is. Hij is daar volgens de officier zelf (deels) debet aan, omdat het voorzienbaar was dat de zeer expliciete communicatie die is gevoerd zich vroeg of laat zou openbaren. Ook heeft hij één van de slachtoffers via Twitter beticht van smaad en laster. “Dat bracht in ieder geval geen rust in de media.”

Wel houdt de officier rekening met straffen die in min of meer vergelijkbare zaken zijn opgelegd. Ook weegt mee dat het zeven jaar geleden is dat deze feiten zijn gepleegd, de verdachte geen strafblad heeft en zich wil laten behandelen bij een instelling voor geestelijke gezondheidszorg. Het daardoor enigszins matigen van de strafeis doet echter niets af aan de ernst van de gepleegde feiten.

De rechtbank in Assen laat aan het einde van de inhoudelijke behandeling weten wanneer het uitspraak doet.