Bagnaia oppermachtig in Grand Prix van ItaliŽ

De Grand Prix van Italië in de MotoGP heeft een thuisfeestje opgeleverd. Op het circuit van Mugello kon de champagne namens het thuismerk ontkurkt worden, wat gezien de dominantie in de kwalificatie ook wel een beetje te verwachten viel.

Voor het eerst vertrok Fabio Di Giannantonio van poleposition, met Ducati-merkgenoten Marco Bezzecchi en Luca Marini naast zich. Met Johann Zarco en Francesco Bagnaia stonden er ook twee Ducati's op rij twee, naast Fabio Quartararo's Yamaha, de Aprilia van Aleix Espargaro en de Honda's van Takaaki Nakagami en Pol Espargaro.

De drie jongelingen vooraan kenden een prima start en na de openingsronde kwam Bezzecchi als eerste door, voor Marini, Di Giannantonio, Aleix Espargaro, Quartararo, Zarco en de vanaf de zestiende plek vertrokken Brad Binder. Quartararo werkte zich naar de tweede plek, Bagnaia ging ook langs Di Giannantonio naar plek vier.

Richting de helft van de race ging Bagnaia naar de leiding, voor Quartararo - de VR46-coureurs Bezzecchi en Marini volgden met Aleix Espargaro, Bastianini en Zarco in hun kielzog. Voor Bastianini was het echter snel over: hij gleed onderuit, een pijnlijke valpartij in zijn strijd om de wereldtitel.

Bagnaia reed zich niet echt los, maar kwam ook niet meer in gevaar: hij stuurde zijn Ducati naar de overwinning, voor Quartararo en een fraaie derde plek voor Aleix Espargaro. Zarco, Bezzecchi en Marini completeerden de top-6, vlak voor Binder.