Vrijgezellenavond

Mijn beste vriendin DaniŽlle maakte de grootste fout van haar leven. Ze ging trouwen. De vent die ze had uitgekozen is niet de kwaadste, hoor. Hij doet de afwas voor haar en in het weekend rijdt hij tussen de Gamma en haar huis heen en weer. Klussen is zijn hobby. Ik vraag wel eens aan DaniŽlle of het ook lekker seksen met hem is, maar daar geeft ze nooit echt antwoord op. Ik hoop het wel voor haar. Ze heeft lang gezocht naar de ideale partner en als hij naast klussen nou ook een beetje kan zorgen voor een stuk of wat orgasmes, dan komt alles toch nog goed met DaniŽlle. Ik zou er jaloers op worden. Zelf heb ik wel eens een vriendje voor een avondje en een nachtje, maar dat is nu al weer enige tijd geleden.

DaniŽlles bruiloft kwam in zicht. Helaas zat aan die heugelijke gebeurtenis nog iets vast: het allerverschrikkelijkste dat je je maar kunt bedenken. De vrijgezellenavond.
DaniŽlle heeft nog meer vriendinnen, maar die spreek ik zelden of nooit. Ik kom ze gelukkig alleen maar tegen op een verjaardag van haar. Ik kan ze niet uitstaan. Vooral die Liesbeth is een enorme trut. Met d'r geruite rokken en d'r kanten kraagjes. En maar zeuren over de kinderen en die lieve man van d'r. Ik word er niet goed van. Op zo'n verjaardag ga ik altijd zo ver mogelijk bij haar vandaan zitten. Maar ja, dan moet je de chips weer doorgeven. Of zo'n bord met blokjes kaas die naar plastic smaken.
Op een avond belde die Liesbeth mij op en nodigde mij uit voor de vrijgezellenavond.
"Wel iets feestelijks en uitdagends aantrekken, hoor!" spuugde ze in de telefoon. "We gaan eens even een avondje lekker pret maken met elkaar! We hebben een leuke outfit voor DaniŽlle in petto!" Toen ik ophing, was ik nogal misselijk.

Ik ging dan ook met enorm veel tegenzin naar DaniŽlles vrijgezellenavond. Het moge duidelijk zijn dat ik alleen maar ging om DaniŽlle een plezier te doen.
Het begon al goed. De dames hadden afgesproken in een Grand Cafť. Vreselijke tent, met een Italiaanse naam, godbetert. En met van die klootvioolmuziek op de achtergrond.
"Okť. Nu jij er bent, zijn we compleet," zei Liesbeth. "DaniŽlle komt over vijf minuten."
Ik keek het groepje aan het tafeltje rond. Allemaal types ŗ la Liesbeth. Ik kreeg ineens heel veel medelijden met DaniŽlle en ging stilletjes op een stoel zitten. De serveerster bracht mij een grote kop koffie.
DaniŽlle kwam binnen en werd luidkeels verwelkomd. Tijd om te gaan zitten kreeg ze niet. Liesbeth overhandigde een verpleegstersjurkje.
"Aantrekken!" was de opdracht. Op de voorkant van het jurkje stond: "Mijn laatste kans…" Op de achterzijde las ik: "… op sjans. Zoen me als je kan!"
"Laat zien! Draai je om! Meid, wat zie je er goed uit!" riepen de dames.
DaniŽlle keek mij aan met een kop van: "God, wat erg." Ik keek een andere kant op en geneerde me kapot. Toen de serveerster langskwam, bestelde ik een baco voor mezelf ťn een voor DaniŽlle.

We moesten ook zonodig de straat op. De dames hadden een route uitgestippeld door het uitgaanscentrum. En natuurlijk lagen de kroegen waar we heen moesten allemaal ťrg ver uit elkaar, zodat we zoveel mogelijk mensen zouden tegenkomen. Ik zette mijn donkere filmsterrenzonnenbril op om maar niet herkend te worden.
Wat een hilariteit. Er liep iemand met een mal verpleegstersuniform over straat en iedere kerel greep haar natuurlijk beet om haar eens flink op haar mond te kunnen zoenen. De viezeriken. Thuis spelen ze niks klaar en hier grijpen ze hun kans. Zielig.

Ik kan er een lang verhaal over vertellen, maar dat doe ik niet. Het was allemaal heel verschrikkelijk. Tot we uiteindelijk in een kroeg terecht kwamen waar ik nogal bekend ben. Ik kom er vaker en heb er wel eens een leuke man of jongen opgepikt. Toen we binnenkwamen, knikten sommige gasten dan ook naar mij. Ik deed zoveel mogelijk alsof ik niet bij het zootje ongeregeld hoorde waarmee ik binnen was gekomen. Mijn ploegje liep naar de bar en ik ging er een beetje afzijdig bij staan.
Ik bestelde een baco voor mijzelf en voor DaniŽlle. Het was de zoveelste al deze avond. Uit de boxen knalde luide muziek. Het was vrijdagavond, dus alleen maar Nederlandstalig.
"Frans Bauer! 'Heb je even voor mij?'" gilden Liesbeth en haar vriendinnen. Ze sleepten DaniŽlle mee naar het kleine dansvloertje. Ik gruwelde en dronk mijn glas snel leeg. Eigenlijk had ik zin om naar huis te gaan en iedereen in d'r sop te laten gaarkoken, maar ik vond dat ik dat ten opzichte van DaniŽlle niet kon maken.
Er kwam iemand naast mij aan de bar staan. Ik keek opzij. Allemensen, wat een mooie jongen was dat, zeg. Hij was in zijn portemonnee aan het zoeken en keek even op.
"Hallo," zei ik. "Jij hier?"
"Eh, ja," antwoordde hij. "Ken ik jou? Sorry, maar ik herinner me je even niet."
"Geeft niks," zei ik. "Wilde je wat bestellen?"
"Eh, ja."
"Niet zo onzeker, zeg," lachte ik. "Wat mag het zijn? Ik betaal."
"Een pintje."
Ik bestelde een bier en een baco.
"Hier, kijk eens." Ik gaf hem zijn pils.
"Dank je wel." Hij nam een slok. Ik ook.
Ik keek hem eens aan. Halflang zwart haar, achterovergekamd. Knalblauwe ogen en glad geschoren. Een wit overhemd en een zwarte spijkerbroek. Hij zag er goed uit. We kletsten wat. Hij was aardig en vertelde over zijn studie aan de universiteit. Hij studeerde een of andere taal. Wauw, wat een kerel. Ik werd er warm van.
Wat later stond het groepje dames weer bij mij. Ze hadden hun jas alweer aan.
"Kom!" riep die Liesbeth naar mij. Zag ik dat nou goed of was die al aardig teut?
"Ik kom zo!" zei ik terug. "Waar gaan jullie heen?"
"Nog even naar het Grand Cafť voor een afzakkertje. Het is mooi geweest. Morgen is het zaterdag en dan moet ik de badkamer een beurt geven." Ik kreeg allerlei associaties bij 'een beurt geven', maar kon die niet in verband brengen met die affreuze trut van een Liesbeth.
"Is goed!" riep ik. "Ik zie jullie daar straks! Ik drink hier even mijn baco op!"
De knappe knul naast mij wilde verder gaan met zijn verhaal. Ik deed net of ik hem verstond. Wat een heerlijk lichaam had die jongen. Ik werd er opgewonden van. Vanuit mijn ooghoek zag ik DaniŽlle, Liesbeth en haar andere vriendinnen het cafť verlaten. Ik bestelde nog een rondje drank.
"Hoe heet jij?" vroeg ik.
"Martijn," zei hij. "En jij?"
Ik noemde mijn naam. Hij glimlachte. Ik pakte de verse drankjes van de bar en gaf er ťťn aan hem. Hij knikte als een bedankje. Ik nam een slokje. Hij ook. Ik kreeg het warm. Vooral in mijn onderbroekje.
"Ik krijg zin," zei ik in zijn oor. "Ga je even mee naar buiten? Hier achter het cafť is een klein tuintje."
"Wat zeg je?" riep hij terug. "Die muziek staat hier zo knetterhard."
Ineens verscheen er nůg zo'n lekkere knappe jongen. Martijn zag hem en er begon iets in zijn ogen te glinsteren. Ik schrok. De andere jongeman had een leren broek aan en een strak t-shirt. Hij zag er gespierd uit. Martijn sloeg zijn armen om hem heen en zoende hem vol op zijn mond. Dit was geen gewone begroeting. Dit was een complete liefdesverklaring. Ik zag twee tongen tussen de vier lippen door naar buiten komen.

Kijk, dan haak ik af. De avond wŠs al verpest en ik had niet verwacht dat het nog erger kon worden. Dat kon dus wťl. Ik sloeg de rest van het nog volle glas baco in ťťn teug naar binnen. Toen draaide ik me om en liep ik naar buiten. Hoewel ik niet vast meer op mijn benen stond, was het vooruitzicht op een lange wandeling naar huis zo erg nog niet.