FOK!
FOK!


Laatste items
Laatste items
Toon berichten uit deze thema's





Toon berichten van deze types







Oorlog in Oekraïne
Oorlog in Oekraïne


Defensie
Defensie


Actieve items
Actieve items


Forum
Forum


Archief
Artikelen van vrijdag 1 april 2022

Random Pics van de Dag #587

Elke dag (nou ja, zoveel mogelijk) een dosis plaatjes en memes. Random.

Grappig, mooi, bizar, interessant of compleet WTF?!?! Alles kun je hier tegenkomen.

En weet je een onderschrift bij een bepaalde foto? Zet het in de comments (die staan op de laatste pagina!)

Doen plaatjes het niet? Schakel dan je adblocker uit. Liever toch bannervrij FOK!ken? Neem een premium account en steun FOK!

Oranje treft gastland Qatar, Senegal en Ecuador in groepsfase WK voetbal

Het Nederlands elftal is vrijdag bij de loting voor de groepsfase van het WK gekoppeld aan gastland Qatar, Senegal en Ecuador. Daarmee lijkt Oranje gunstig geloot te hebben.

Oranje kreeg de vierde plaats in de poule A toegewezen, waardoor het niet de openingswedstrijd van het WK speelt. De eerste wedstrijd van Nederland is wel op de openingsdag, op 21 november tegen Senegal. Op 25 november speelt Oranje tegen Ecuador en op 29 november tegen Qatar.

Zaterdag wordt pas bekend in welke stadions Oranje speelt en wat het tijdstip is van de wedstrijden. Als Nederland na de groepsfase doorgaat, treft het een tegenstander uit groep B. In die groep zitten Engeland, de Verenigde Staten, Iran en de winnaar van de play-offs tussen Schotland, Oekraïne en Wales. Die drie landen strijden in juni om een WK-ticket.

De poulefase begint op maandag 21 november en wordt afgesloten op vrijdag 2 december. De achtste finales, waarin de poulewinnaars de nummers twee zullen treffen, worden gespeeld van 3 tot en met 6 december.

De kwartfinales zijn op 9 en 10 december. De halve finales zijn op 13 en 14 december. De finale is op zondag 18 december in het Lusail Iconic Stadium, waar plek is voor 80.000 toeschouwers.

FOK! Wat een weer: terugblik!

weerbanner (Foto: FOK.nl)

Hallo daar!

Ongelofelijk wat een situatie hebben we beleefd. Zo complex zie je het maar zelden. Pas een dag of 3 geleden zagen we pas dat er wel eens een zeer interessante situatie aan zou kunnen komen. Dit in tegenstelling tot stormen, want die zie je al veel eerder aankomen of in ieder geval de signalen daarvan. Vaak veranderen de modellen nog wel eens in zo'n situatie, echter in deze situatie waren de veranderingen voorafgaande aan het hele gebeuren vrij miniem.

Gisteren had ik al besproken over gisteren, dus nu gaan we het hebben over ná 19.00 gisteravond. Rond een uur of zeven was de situatie nog grotendeels als die van overdag. Regen/sneeuw over een brede strook over het oosten naar het noorden en noordwesten toe. Op den duur kwam er langzaam beweging in en begon de neerslag zich langzaam uit te breiden. De activiteit aan de westkant was echter nog erg laag. Dit hield nog enige tijd aan. Ook begon er een aantal zaken ons parten te spelen, maar daarover zo meer.

Rond een uur of 9 begon het ook in het westen te sneeuwen. Het bleef echter ondanks de intensiteit niet meteen liggen. De eerste meldingen kwamen uit de omgeving van de grote steden. In bijvoorbeeld Haarlem-Noord en Vijfhuizen was er rond een uur of 11 al zo'n 3 cm gevallen. Hier bij mij echter lag nog steeds vrijwel niets, alleen op de daken was het wat wittig.

Op dat moment kwamen er meldingen uit Egmond Aan Zee en Zandvoort dat daar al zo'n 5 cm was gevallen. Toen wist ik al hoe laat het was. Op dat moment maakte Amstelveen melding van matige regen en ook in Het Gooi was er van sneeuw nauwelijks sprake. Rond middernacht gaf ik het op. Het zou vrijwel niets meer gaan worden. 

Uiteindelijk is er op de Veluwe zo'n 22 cm gevallen, maar dat ligt op enige hoogte dus dat is logisch. Waar in het laagland viel dan de meeste sneeuw? Geloof het of niet, maar dat is in de omgeving van Haarlem..... inderdaad. In het duingebied rond Overveen is op het KNMI-station bijna 10 cm gemeten. Verder ook in Vijfhuizen 8 cm, Haarlem-Noord 7 cm, en uiteraard in delen van Gelderland alsmede gebieden van Friesland en Groningen.

Het had nog aanzienlijk meer kunnen zijn, want op veel plekken is er zo'n 24 mm aan neerslag afgetapt. Deels dus als regen. 

Uiteindelijk trok het hele spul langzaam naar het zuiden toe en de activiteit nam daarbij ook langzaam af. 

Toen ik rond 05.00 even opstond keek ik naar buiten en was het wel wit, maar beslist niet veel. Je hoorde het bovendien al druipen. Uiteindelijk lag er hier zo'n kleine 2 cm gesloten dek gedurende de nacht.

We kunnen dus concluderen dat er een enorm verschil is tussen de stad en de omgeving er omheen. Dat gaan we nu eens nader analyseren.

Ik vertelde al dat zeker de intensiteit een grote rol zou gaan spelen. Dat is uiteindelijk ook gebeurd, dus dat ging goed. Wat helemaal niet goed ging was de aanloop naar deze situatie. We hadden dagenlang hoge temperaturen en veel zon. Dus de bodem was nog 'gloeiend' heet. Dit speelde met name voor de steden en/of grote gemeentes een fatale rol.

Wat we ook allemaal vergeten waren, was de temperatuur van het IJsselmeer. Die is/was al opgelopen tot ongeveer 11 graden Was deze situatie begin februari geweest met een koude winter als geschiedenis, dan was het water van het IJsselmeer veel kouder geweest en had dan geen invloed gehad. Nu was ook dit een beslissende factor. Buiten de bodemtemperatuur om zorgde de strakke aanvoer vanaf het IJsselmeer er ook voor dat de temperatuur niet erg kon zakken en duidelijk boven 0 bleef. Daardoor bleven de steden in Noord-Holland en deels Utrecht grotendeels sneeuwvrij, of ontstond er met heel veel moeite een drekje.

Het is hetzelfde principe als in de herfst en het begin van de winter. Ook dan is het zeewater warm en vallen er langs de kust flinke buien bij hogere temperaturen, terwijl het in het binnenland al aardig kan sneeuwen. Alleen komt de wind dan uit een westelijke richting, dus dat is dan logisch. Deze keer leek alles met een noordooster dus uitstekend te zijn. Niet dus. Zoals ik al zei, in februari was er niets aan de hand geweest.  

Door deze situatie bleef de temperatuur ook boven het vriespunt. In de steden mag je daar dan gerust nog een graad bij optellen en dan kom je op zo'n 2 tot 3 graden uit. Ook dit hadden we niet helemaal voorzien. Zodoende kwam alles bij elkaar om het voor de stadsbewoners een klein fiasco te laten maken. 

Verder viel ons de zachtere bovenlucht op in met name Overijssel. Twente kwam niet lager dan +3,5. Ook daar was er van sneeuw dus niet of nauwelijks sprake. 

Uiteindelijk hadden de modellen alles behoorlijk goed in de smiezen. Alleen het resultaat was iets anders. 

Vandaag maakte het april-zonnetje snel korte metten met het sneeuwdek. Hoewel, de zon alleen scheen in de hele noordwestelijke helft. Een prima dag aldaar, maar het was wel erg koud met een graad of 5. 

In de rest van het land was het bewolkt en viel er af en toe lichte sneeuw. Daar was het met 2 graden nog veel onaangenamer. Die verduvelde noordoostenwind neemt nu langzaam af. 

Vannacht kan er in Limburg enige tijd sneeuw vallen en misschien ontstaat er daar wel een klein dekje. In de heuvels kan er zelfs een paar cm vallen. In de rest van het land blijft het droog en de opklaringen in het noordwesten blijven daar. Het gaat overal een graadje vriezen.

Morgen trekt de Limburgse neerslag uiteindelijk ook weg, maar of ze daar de zon nog te zien gaan krijgen is nog maar de vraag. Ik denk dat de meeste opklaringen zich wederom bevinden in het noordwesten. Op de meeste plaatsen blijft het droog. Een enkel winters buitje sluit ik niet helemaal uit, maar dat stelt weinig voor.

Het wordt wel wat zachter dan vandaag. Op Terschelling een graad of 7, in Utrecht een graad of 6 tot in Limburg een graad of 5. De noordoostenwind is matig van kracht. Alleen op de Wadden waait het nog wat harder.

Fijn weekend!

Red Burgondy (Foto: Jippie)
De 'Red Burgondy' van Jippie wist niet wat haar overkwam. Sneeuw! (Foto: Jippie)

Jouw foto of filmpje bij het weerbericht? Mail hem naar weer@fok.nl onder vermelding van je username en waar je de foto (ongeveer) hebt gemaakt. Dan kom je 'm vanzelf tegen!

Nieuwe fase vervanging onderzeeboten: Walrusklasse vaart langer door

Nederland wil zijn veelgevraagde onderzeebootcapaciteit binnen de NAVO en EU behouden. Bondgenoten en partners kunnen zo de komende decennia op Nederland blijven rekenen. De ontwikkelingen langs de oostflank van het NAVO-verdragsgebied maken extra duidelijk hoe belangrijk het is dat de NAVO-partners blijven investeren in hun (niche-)capaciteiten. Defensie neemt nu maatregelen om het project vervanging onderzeeboten te verbeteren. Dat liet staatssecretaris Christophe van der Maat vandaag in een brief aan de Tweede Kamer weten.

De afgelopen periode is meer informatie verzameld, waardoor het project in een nieuwe fase komt. Van der Maat heeft nu 3 besluiten genomen voor een van de meest complexe verwervingsprojecten voor Defensie. De eerste actie is het direct opstellen van de offerteaanvraag. Daarnaast blijft de huidige Walrusklasse langer in de vaart, maar met minder boten. Ook wordt de aansturing van het project verbeterd.

Offerteaanvraag
Er wordt een scheiding aangebracht tussen de aanschaf van de onderzeeboten en het onderhoud. Dat gebeurt op basis van de uitkomsten van de dialoogronde. De resterende dialoogfase wordt geschrapt. Defensie wil de offerteaanvraag voor het eind van het jaar naar de werven versturen. Daarmee is sneller duidelijk welke van de 3 kandidaat-werven de onderzeeboten gaat bouwen. Pas daarna komen afspraken over het onderhoud tijdens de levensduur aan bod. Daarbij heeft Directie Materiele Instandhouding (DMI) in Den Helder een belangrijke regierol.

Bij het eisenpakket wil Nederland specifieke eisen aan het ontwerp stellen om binnen NAVO-verband haar onderscheidende capaciteit te blijven leveren. Volgens Van der Maat moeten de nieuwe onderzeeboten ook geschikt zijn om langeafstandsraketten te lanceren. Plannen voor mogelijke versterking van de maritieme slagkracht worden opgenomen in de Defensienota.

Langer doorvaren met Walrusklasse
Om de Onderzeedienst inzetbaar te houden tot de nieuwe boten er zijn, moeten de huidige onderzeeboten langer doorvaren. De bedoeling is tot midden jaren ’30 , en alleen als dat op een veilige manier kan.
Doorvaren vraagt onder meer een ander onderhoudsconcept. Daarom moet Defensie op korte termijn 1 van de 4 Walrusklasse-onderzeeboten uit de vaart nemen, en later een 2e. Onderdelen van deze oudste 2 boten worden dan gebruikt om de andere onderzeeboten te onderhouden.

Met langer doorvaren is de veiligheid van het onderzeedienstpersoneel niet in het geding, benadrukt Van der Maat. De Militaire Zeewaardigheidsautoriteit houdt dit scherp in de gaten.

Verbeterde aansturing
In de aansturing van het project bleken na onderzoeken verschillende verbeteringen nodig. Daarom komen er maatregelen om de aansturing anders te organiseren en de communicatie binnen het project te verbeteren. Verder is het zaak het projectteam te versterken en de planning en het risicomanagement te professionaliseren.

Grove planning
Defensie stapt in deze fase over naar een mijlpalenplanning, die bij het bereiken van elke nieuwe mijlpaal wordt bijgesteld. De eerste mijlpaal waar nu naartoe wordt gewerkt is het gunningsmodel na de zomer, waarna de offerteaanvraag eind 2022 volgt. Indicatief is nu aan te geven dat de eerste 2 nieuwe onderzeeboten inzetbaar zijn in de verwachte periode 2034-2037. Dat is mogelijk sneller dan wanneer wordt vastgehouden aan het huidige proces (2035 – 2038), maar veel later dan de planning waaraan vorig jaar nog werd gedacht (uiterlijk eind 2031).

Archieffoto (foto: Ministerie van Defensie)
Archieffoto (foto: Ministerie van Defensie)

Lange termijnstrategie COVID-19

Het kabinet heeft de lange termijnstrategie COVID-19 naar de Tweede Kamer gestuurd. Onderstaande de uitleg van de strategie door de Ministerraad:

Een open samenleving en voorbereid zijn op verschillende besmettingsscenario’s zijn het uitgangspunt. De strategie richt zich op twee gelijkwaardige doelen: 1) sociaal-maatschappelijke en economische continuïteit en vitaliteit en 2) toegankelijkheid van de hele zorgketen voor iedereen.

Kernpunten aanpak
Het coronabeleid is enerzijds gericht op het voorkomen van maatschappelijke en economische schade voor bedrijven en individuen, het bevorderen en ondersteunen van mentale gezondheid en welzijn. Anderzijds is het toegankelijk houden van zorg voor iedereen, waaronder bijvoorbeeld alle ziekenhuis- en verpleegzorg, en aandacht voor leefstijl en preventie onderdeel van het beleid.

Bij een opleving van het virus zijn verschillende acties op verschillende niveaus nodig, hierbij gaan wij uit van een gedeelde verantwoordelijkheid: de hele maatschappij draagt samen bij aan de uitwerking en uitvoering van de strategie. Wij zetten daarbij vooral in op preventie om zoveel mogelijk te voorkomen dat we voor lastige keuzes en dilemma’s komen te staan, zoals in de afgelopen twee jaar is gebeurd.

Dit zijn de kernpunten van de strategie:

A. Virus in beeld
Het coronavirus is niet weg, daarom houden we ontwikkelingen rondom het virus scherp in de gaten. Bijvoorbeeld door onderzoek van het rioolwater, met modellering en door internationale samenwerking.

B. Maatschappij-brede preventie
Door iedereen: inwoners van Nederland, sectoren en de overheid
De hele maatschappij speelt hier een belangrijke rol. Door ons aan de basisadviezen te houden, beschermen we onszelf en mensen met een kwetsbare gezondheid en kan de samenleving open blijven. Het zelftesten wordt gestimuleerd en het is belangrijk dat we ons aan het zelfzorgadvies houden, waarin staat wat je moet doen als je positief test.

Een goede gezondheid verkleint de kans op ernstige ziekte door corona. Daarom stimuleren we sport, bewegen en gezond leven. En richten we ons ook op de mentale gezondheid. We behouden de voordelen van thuiswerken en blijven hybride werken.

Door de overheid
Het kabinet bereidt zich voor op mogelijke nieuwe vaccinatierondes, zodat we snel van start kunnen als de situatie daar om vraagt. Ook zet het kabinet zich voor de beschikbaarheid van (nieuwe) medicatie.

C. Optimalisatie van de zorgketen
Bij een nieuwe opleving van het virus willen we dat de reguliere ziekenhuiszorg zoveel mogelijk door kan gaan en willen we voorkomen dat de langdurige zorg, zoals verpleegzorg, overbelast wordt. Om dit te bereiken werken we aan twee initiatieven. Door de brede zorgketen te optimaliseren kan er flexibel worden gereageerd op veranderingen in de zorgvraag, bijvoorbeeld door patiënten thuis met zuurstof te verzorgen, waardoor er minder mensen in het ziekenhuis komen te liggen. De optimalisatie van beschikbaarheid van zorgprofessionals heeft tot doel om, indien noodzakelijk, snel de beschikbaarheid van zorgpersoneel te vergroten.

D. Voorspelbaarheid van besluitvorming en mogelijke interventies
Als het virus weer flink opleeft, valt niet uit te sluiten dat er maatregelen genomen moeten worden om de samenleving open te houden en de zorg toegankelijk te houden. Om ons zo goed mogelijk voor te bereiden, wil het kabinet samen met sectoren bepalen wat het beste werkt om de schade van mogelijke maatregelen te beperken en sluiting van sectoren te voorkomen. Deze gezamenlijke aanpak helpt ook om meer voorspelbaarheid, maatwerk en rust in de besluitvorming te realiseren.

Open samenleving
Het uitgangspunt is een open samenleving: Nederland is open en dat willen wij zo houden. Daarom bereiden we ons voor op verschillende scenario’s, zodat we niet door het virus worden overvallen. Wij willen voorkomen dat er bij een sterk toenemend aantal besmettingen keuzes moeten worden gemaakt tussen het openhouden van de samenleving en het toegankelijk houden van de zorg. Ook als die keuzes onverhoopt toch moeten worden gemaakt, dan geeft deze strategie helder weer wat de overheid kan en doet. En wat we van de samenleving verwachten.

Dit zijn de vier scenario’s waar aan wordt gewerkt:
1. Verkoudheidsscenario: er is sprake van milde klachten en dit leidt niet tot grote druk op de zorg.
2. Griep+ scenario: er is sprake van een ernstiger, griepachtig verloop. Dit kan leiden tot zware belasting van de zorg, zeker als dit samenvalt met een griepseizoen.
3. Continue strijd scenario: door een nieuwe, besmettelijkere variant, een onzeker of ernstiger ziekteverloop of afnemende immuniteit is er sprake van een hoog risico op overbelasting van de zorg.
4. Worst case scenario: er is sprake van (zeer) hoge ziekte en sterfte, bijvoorbeeld door de opkomst van een nieuwe variant, waar men slechts in beperkte mate tegen beschermd is.

Volgende stappen
In de komende weken wordt gewerkt aan sectorplannen met de verschillende betrokken partijen. In een volgende Kamerbrief over de lange termijn aanpak COVID-19 wordt ingegaan op de uitkomsten van deze plannen. Ook wordt in deze brief toegelicht welke stappen gezet moeten worden in de optimalisatie van capaciteit en regie in de zorg. De brief wordt naar verwachting in juni naar de Tweede Kamer gestuurd. Hierin geven we ook uitsluitsel over de oprichting van een Maatschappelijk Impact Team (MIT). Het kabinet overweegt een MIT op te richten om naast het Outbreak Management Team (OMT) bij te staan in de advisering van het kabinet. Dit zou kunnen bijdragen aan het maken van een goede afweging tussen de epidemiologische en maatschappelijke impact van maatregelen.

Testen bij klachten
Ook voor het testen bij klachten komt de verantwoordelijkheid meer bij mensen zelf te liggen. Vanaf 11 april hoef je na een positieve zelftest geen confirmatietest meer te doen bij de GGD. De zelftest is een betrouwbaar en snel middel en wordt op dit moment al veel gebruikt. Ook komt er een zelfzorgadvies beschikbaar om mensen te helpen als zij of iemand in hun omgeving een positieve testuitslag krijgt. Het blijft voorlopig mogelijk om te testen bij de GGD voor een herstelbewijs, dit kan bijvoorbeeld nodig zijn om te reizen. Ook blijft de GGD-test beschikbaar voor kwetsbare mensen en mensen die geen zelftest kunnen gebruiken.

Kabinetsreactie op OVV-rapport naar Tweede Kamer
Het kabinet heeft in een brief aan de Kamer ook een reactie gegeven op de conclusies en aanbevelingen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV). Het kabinet omarmt de conclusies en aanbevelingen van het OvV en trekt hieruit de nodige lessen. In de brief geeft het kabinet aan hoe ze aansturing, uitvoering, samenwerking, besluitvorming en communicatie van de crisisaanpak wil verbeteren. Zo bereidt het kabinet verschillende wijzigingen voor in met name de crisisstructuur en de aansturing van de zorg. Het doel is dat we bij toekomstige crises beter zijn voorbereid. Maar ook bij een volgende crisis zullen er nieuwe en onverwachte problemen voorkomen en zal gepaste improvisatie nodig zijn. Een aantal aanbevelingen is inmiddels verwerkt in de lange termijnstrategie.

Rechtbank: tussenbeslissingen in zaak sjoemelsoftware Volkswagen en Stellantis

De rechtbank heeft afgelopen woensdag tussenbeslissingen genomen in twee zaken waarin een collectieve actie wordt gevoerd tegen circa 140 autofabrikanten, importeurs en autodealers wegens zogenaamde sjoemelsoftware.

Met de tussenbeslissingen legt de rechtbank de kaders vast voor de eventuele inhoudelijke behandeling van de zaak.

Claimzaak tegen Volkswagen en Fiat-Chrysler
De twee zaken zijn aangespannen door de Stichting Diesel Emissions Justice tegen het Volkswagen concern en het Fiat-Chrysler concern. De claimstichting behartigt de belangen van autobezitters die stellen te zijn gedupeerd doordat hun auto is uitgerust met sjoemelsoftware. Deze software zorgt ervoor dat auto’s bij een emissietest leken te voldoen aan de normen voor uitstoot, terwijl de motor in feite meer uitstootte dan was toegestaan.

De rechtbank geeft in de tussenbeslissingen een oordeel over twee vragen: de vraag of, en zo ja ten behoeve van welke autobezitters de claimstichting bij de Nederlandse rechter kan procederen en de vraag of het ‘oude’ recht inzake collectieve acties van toepassing is, of het nieuwe recht (de zogenaamde Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie, de WAMCA) zoals dat geldt vanaf 2020.

Internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter
In de zaak tegen het Volkswagen-concern is de rechtbank alleen bevoegd voor zover de claimstichting de belangen behartigt van autobezitters die bij een van de gedaagde autodealers een auto hebben gekocht. Dat zullen vrijwel uitsluitend Nederlandse autokopers zijn, omdat alleen Nederlandse autodealers zijn gedagvaard. De rechtbank is ook bevoegd, voor zover het om de belangen van die autobezitters gaat, om de eventuele aanspraken jegens de buitenlandse autofabrikanten (Volkswagen, Audi, Porsche, Seat en Škoda) en een toeleverancier (Bosch) te beoordelen.

In de zaak tegen Stellantis (het Fiat-Chrysler concern) ligt dat anders, omdat de autokopers volgens de claimstichting ook een vordering tegen de Nederlandse holding hebben. Daardoor is de rechtbank bevoegd ten aanzien van alle kopers – dus ook de niet-Nederlandse – die in Europa een auto van de desbetreffende merken hebben gekocht waarin volgens hen sjoemelsoftware is verwerkt. De rechtbank is ook bevoegd om ten behoeve van al die autokopers eventuele aanspraken jegens de buitenlandse autofabrikanten (Fiat-Chrysler en Alfa Romeo) te beoordelen.

Toepasselijkheid van de WAMCA
In beide zaken is volgens de rechtbank niet de nieuwe WAMCA maar het tot eind 2019 geldende ‘oude’ recht van toepassing. De rechtbank ziet het ontwikkelen van de sjoemelsoftware als het in deze zaken beslissende mogelijk onrechtmatig handelen. Het overgangsrecht bepaalt dat de WAMCA van toepassing is op gebeurtenissen die na 15 november 2016 hebben plaatsgevonden. De ontwikkeling van de software heeft volgens de claimstichting vóór die datum plaatsgevonden. De WAMCA maakt het mogelijk in collectieve acties ook schadevergoeding te vorderen. Nu de WAMCA in deze zaken niet van toepassing is, kan dat in deze zaken dus niet. Mocht de rechtbank na de inhoudelijke behandeling van de zaak tot het oordeel komen dat de autoconcerns onrechtmatig hebben gehandeld, dan zullen autobezitters op individuele basis een schadevergoeding moeten claimen. Ook kan dit de basis zijn voor onderhandelingen over een collectieve schadeafwikkeling.

Verder verloop van de procedures
In het vervolg van de procedure moet de rechtbank nu in beide zaken beslissen of de claimstichting voldoet aan de daaraan in de wet gestelde ontvankelijkheidseisen. Als dat het geval is, komt er daarna een inhoudelijke beoordeling.

Diesel ( Pixabay)
Diesel ( Pixabay)

De nieuwe Woo komt eraan (Wet open overheid)

Openheid en transparantie zijn essentieel voor het vertrouwen tussen de samenleving en de overheid. Vanaf 1 mei 2022 treedt de nieuwe Wet open overheid (Woo) in werking, die de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangt.

Met de komst van de nieuwe wet verandert er veel. Om rijksambtenaren op weg te helpen is daarom een handboek opgesteld: de Woo-instructie. Deze instructie is bedoeld als naslagwerk voor de uitvoering van de Woo-verzoeken. De verschillende overheden zijn zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van de Woo. Hoe ze dit doen, bepalen ze zelf. Met de Woo-instructie zorgen we ervoor dat we binnen de Rijksoverheid Woo-verzoeken op dezelfde manier behandelen.

De belangrijkste veranderingen

De Woo verandert een aantal dingen. De belangrijkste veranderingen zijn:

  • Er komt een onafhankelijk adviescollege openbaarheid en informatiehuishouding;
  • Elk bestuursorgaan dat onder de Woo valt moet een contactpersoon aanwijzen waarbij iedereen terecht kan met vragen over de beschikbaarheid van overheidsinformatie;
  • Bestuursorganen gaan werk maken van het op orde krijgen van de informatiehuishouding, daartoe is de Regeringscommissaris aangesteld;
  • Op termijn verplicht de Woo tot het actief openbaar maken van aangewezen informatie;
  • De termijn voor het afhandelen van een verzoek wordt maximaal vier weken, met een mogelijke verlenging van twee weken;
  • Mede gelet op de verkorte termijn is het zaak om snel de informatievraag in beeld te krijgen en daarvoor in contact te treden met de verzoeker;
  • Onder de Wob werden persoonlijke beleidsopvattingen al vaker openbaar gemaakt, die lijn wordt onder de Woo voortgezet;
  • Ook van informatie ouder dan vijf jaar is het uitgangspunt dat deze openbaar wordt gemaakt.

Mark Rutte ( Rijksoverheid-Martijn Beekman)
Mark Rutte ( Rijksoverheid-Martijn Beekman)

Oekra´ne en Rusland zetten vredesonderhandelingen online voort

Oekraïne en Rusland hebben hun onderhandelingen hervat. De gesprekken werden online voortgezet, zo maakte het Oekraïense presidentiële bureau bekend, zonder nadere bijzonderheden te verstrekken.

De Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov sprak eerder over vooruitgang in de onderhandelingen tijdens zijn bezoek aan India. De regering in Moskou bereidt momenteel haar antwoord op de Oekraïense voorstellen voor.

Dinsdag hebben delegaties van beide partijen elkaar persoonlijk ontmoet in Istanbul, bemiddeld door de Turkse president Recep Tayyip Erdogan. De Oekraïense presidentiële adviseur Mychailo Podolyak had na afloop gesproken van een positief gevoel.

China geeft VS en NAVO schuld van oorlog in Oekra´ne

China geeft de Verenigde Staten de schuld van de oorlog in Oekraïne. "Als de schuldige en belangrijkste aanstichter van de Oekraïne-crisis hebben de VS de NAVO geleid tot vijf ronden van oostwaartse expansie in de afgelopen twee decennia na 1999," vertelde woordvoerder Zhao Lijian van het ministerie van Buitenlandse Zaken aan verslaggevers tijdens een dagelijkse briefing. "Het aantal NAVO-leden is gestegen van 16 naar 30, en ze zijn meer dan 1000 kilometer naar het oosten opgeschoven, dicht bij de Russische grens, waardoor Rusland stap voor stap met de rug tegen de muur wordt geduwd."

China zegt geen partij te kiezen in het conflict, maar heeft een "oneindige" samenwerking met Moskou afgekondigd en weigert de invasie in Oekraïne te veroordelen. De regering verzet zich tegen de genomen sancties tegen Rusland en verspreidt Russische desinformatie over het conflict met Oekraïne.

Rusland beschuldigt Oekra´ne van luchtaanvallen op Russisch grondgebied

Volgens Rusland heeft Oekraïne met militaire helikopters een brandstofdepot aangevallen in Belgorod, Rusland, vlakbij de Oekraïense grens. Het is de eerste keer sinds het begin van de oorlog op 24 februari dat Rusland Oekraïne beschuldigt van een luchtaanval op Russisch grondgebied.

Twee Oekraïense militaire helikopters beschoten vandaag brandstofdepots in de Russische grensstad Belgorod, schreef de Russische regionale gouverneur Vyacheslav Gladkov op het Telegram-platform. De helikopters vlogen voor de aanval op lage hoogte over de grens met Rusland. Bij de explosie op het tankpark zijn twee arbeiders gewond geraakt. Delen van de stad zijn geëvacueerd.

FOK! Wat een weer: sneeuw, regen, wind en wat zon

weerbanner (Foto: FOK.nl)

Welkom!  

Het is bijzonder lastig om een juiste voorspelling te maken voor iedereen. De storing die ik verkondigde is inderdaad aanwezig, maar qua neerslag is het bijzonder grillig. Met name de intensiteit en lokale hoogteverschillen zijn momenteel cruciaal. 

In de nacht van woensdag op donderdag begon er al neerslag te vallen en deels viel dat ook in de vorm van sneeuw. Op veel plekken kwam er een klein laagje te liggen en dat kwam omdat de neerslag behoorlijk actief was. Er viel zo'n 6 tot 9 mm. Daardoor kon het toch even wit worden.

Gister ochtend ontstond dan de verwachte storing. Met name in het noorden alsmede op de Veluwe begon het flink te sneeuwen. In Groningen viel er zo'n 5 cm, maar op de Veluwe maar liefst 15 cm. De zachtere lucht was niet ver weg. In Doetinchem bleef het met name bij lichte regen en wat natte sneeuw, maar in Dieren sneeuwde het volop. Ook daar ontstond een sneeuwdekje. In Enschede was het overigens ruim 5 graden en dat kwam vanwege de zachtere bovenlucht.

In de rest van het land was het bewolkt, en uiteindelijk ging het ook in Friesland sneeuwen. Zuidelijker viel er meestal gewoon regen, maar de intensiteit was erg laag. Verder was het bewolkt, koud en winderig. In het zuidwesten heeft de zon echter nog even geschenen en zag het er heel vriendelijk uit. 

Op het moment van schrijven zien we de koude lucht terrein winnen en langzaam gaan ook de temperaturen dalen.

De bedoeling is dat de neerslag de komende uren gaat activeren en over zal gaan in sneeuw. Toch hangt het nog steeds van de intensiteit van de neerslag af of het uiteindelijk echt wit gaat worden. Ik denk dat dat wel gaat gebeuren, maar de hoeveelheden kleiner zullen worden dan dat het zich eerder liet aanzien.

Vannacht valt er dan op veel plaatsen sneeuw. Met name op de Veluwe kan er opnieuw zo'n 10 cm gaan vallen. In de rest van het land zo'n 2 to 6 cm. Uiteraard kan dit van plaats tot plaats verschillen. In de loop van de nacht wordt het in het noorden overwegend droog. De minima liggen rond het vriespunt en de wind blijft stevig doorstaan.

Vanochtend trekt de sneeuw geleidelijk weg naar het zuiden en oosten toe en zal dan ook in activiteit gaan afnemen, doch in het zuiden kan het tot diep in de middag nog wat sneeuwerig zijn. 

Daar vinden we dan ook de laagste temperaturen. Als ze daar de 2 graden aantikken is het veel. 

In het noorden en later ook het westen breekt later de zon even door en zal een eventueel gevormd sneeuwdek snel verdwijnen, want sneeuw is geen liefhebber van temperaturen van 4 tot 5 graden. De wind uit het noordoosten zwakt in de loop van de dag wat af. 

Enfin, we gaan het zien de komende 12 tot 24 uur.  

Brug over de Purmer (Foto: Pukeko)
De lucht laat al zien dat er wat kan gaan gebeuren. Dit is de brug over de Purmer, waar we ook nog even Rend aan toevoegen. (Foto: Pukeko)

Jouw foto of filmpje bij het weerbericht? Mail hem naar weer@fok.nl onder vermelding van je username en waar je de foto (ongeveer) hebt gemaakt. Dan kom je 'm vanzelf tegen!

Sterfte in maart toegenomen, geen oversterfte

In de laatste week van maart (week 12, 21 tot en met 27 maart 2022) overleden naar schatting 3.600 mensen. Dat zijn er iets meer dan in de week ervoor overleden (3.567) en ongeveer 400 meer dan verwacht. In heel maart overleden ongeveer 500 meer mensen dan verwacht. De sterfte was vooral hoger onder Wlz-zorggebruikers en 65-plussers. Dat meldt het CBS op basis van de voorlopige sterftecijfers per week.

De sterftecijfers over maart gaan over de afgelopen vier weken, week 9 tot en met 12 (28 februari tot en met 27 maart 2022). Sinds week 10 ligt het aantal overledenen boven de verwachte sterfte, maar binnen het interval van gewoonlijke fluctuaties, zodat er geen sprake is van oversterfte. Daarvoor lag de sterfte acht weken onder de verwachte sterfte. Gemiddeld overleden in maart per week ruim 100 meer mensen dan verwacht, in februari overleden wekelijks gemiddeld bijna 150 mensen minder dan verwacht.

Sterfte in maart vooral bij Wlz-zorggebruikers hoger dan verwacht
De sterfte bij mensen die zorg ontvingen in het kader van de Wet langdurige zorg (Wlz), zoals bewoners van verpleeghuizen en gehandicaptenzorginstellingen, bleef op basis van de schatting in week 12 ongeveer gelijk aan het aantal overledenen in de week ervoor. De sterfte onder de overige bevolking nam wel toe. Er overleden ruim 1.400 Wlz-zorggebruikers (200 meer dan verwacht) en 2.200 mensen van de overige bevolking (200 meer dan verwacht).

In heel maart overleden bijna 350 meer Wlz-zorggebruikers dan verwacht voor die maand. De sterfte onder de overige bevolking was in maart bijna 200 meer dan de verwachte sterfte.

Hogere sterfte in maart vooral bij 65-plussers
De sterfte onder 80-plussers nam in week 12 verder toe: er overleden naar schatting 2.100 mensen van 80 jaar of ouder. Dat zijn er 250 meer dan verwacht voor deze periode. In heel maart overleden bijna 200 meer 80-plussers dan verwacht voor die maand.

Onder mensen van 65 tot 80 jaar overleden in week 12 naar schatting 1.100 mensen, ongeveer 150 meer dan verwacht. Voor de tweede week op rij is er sprake van lichte oversterfte in deze leeftijdsgroep. In heel maart overleden ongeveer 250 meer mensen van 65 tot 80 jaar dan verwacht.

Onder mensen jonger dan 65 jaar was de sterfte in week 12 naar schatting 400, ongeveer evenveel als verwacht. Voor deze leeftijdsgroep was de sterfte in maart ongeveer 50 meer dan de verwachte sterfte voor die maand.

Sterfte aan COVID-19 tot en met december 2021 bekend
De cijfers over de (over)sterfte zijn gebaseerd op de berichten over het aantal overledenen die het CBS dagelijks van gemeenten ontvangt. Deze berichten bevatten geen informatie over de doodsoorzaak. Die informatie ontvangt het CBS later via een doodsoorzakenverklaring. Voor alle overledenen tot en met december 2021 is de doodsoorzaak bekend. Volgens deze cijfers overleden 39.552 mensen aan COVID-19 van maart 2020 tot en met december 2021.

Britten: 'Rusland brengt troepen over van GeorgiŰ naar Oekra´ne'

Rusland verplaatst troepen van Georgië naar Oekraïne, aldus het Britse ministerie van Defensie. "Deze Russische troepen, tussen 1200 en 2000 man sterk, worden gereorganiseerd in tactische groepen van drie bataljons," schreef het ministerie op Twitter.

Met de herschikking van de troepen wil Rusland blijkbaar zijn invasie in Oekraïne in stand houden. Volgens het ministerie is het onwaarschijnlijk dat Rusland van plan was om op deze manier zijn troepen te versterken. De overdracht wordt gezien als een aanwijzing voor voortdurende verliezen door Rusland.

VS sluit een permanent hogere troepenaanwezigheid in Europa niet uit

Gezien het conflict met Rusland sluit de Amerikaanse regering een blijvende grotere aanwezigheid van Amerikaanse troepen in Europa niet uit. "Ongeacht hoe deze oorlog eindigt en wanneer hij eindigt, zal de veiligheidssituatie in Europa veranderd zijn", zei Pentagon-woordvoerder John Kirby in Washington. Daar moet je op reageren. "We weten niet hoe dat eruit zal zien", zei hij.

De VS staat open voor gesprekken over de vraag of er een grotere permanente aanwezigheid van Amerikaanse troepen in Europa gewenst is. Op termijn zal de Amerikaanse regering daarom met bondgenoten om de tafel gaan zitten om dit te bespreken. Dankzij de troepenversterking voor de oorlog in Oekraïne zijn er nu meer dan 100.000 Amerikaanse soldaten in Europa, waarvan ongeveer 40.000 in Duitsland gelegerd zijn.

Extra ondersteuning gedupeerde ouders met uithuisgeplaatste kinderen

Gedupeerden van de toeslagenaffaire van wie de kinderen uit huis zijn geplaatst, krijgen extra ondersteuning. Vanaf 4 april is voor hen een onafhankelijk landelijk ondersteuningsteam beschikbaar. Gedupeerde ouders en kinderen die met een uithuisplaatsing te maken hebben (gehad) kunnen zich rechtstreeks aanmelden bij dit team. Minister Franc Weerwind voor Rechtsbescherming schrijft dat in een brief aan de Tweede Kamer.

Het team is onafhankelijk en is er voor de ouders en kinderen. In het team zitten procesbegeleiders die een luisterend oor bieden aan gedupeerde ouders. Zij brengen de situatie van deze ouders en kinderen in beeld. Niet elk gezin is hetzelfde en er spelen vaak meerdere problemen, daarom is maatwerk aan de orde. Met het gezin wordt bekeken wat hun wensen zijn en wat er mogelijk is. De veiligheid en ontwikkeling van het kind staan daarbij altijd centraal. Vervolgens kan de procesbegeleider helpen om samen met hulpverleners die al bij het gezin betrokken zijn, de ouder(s) en kind(eren) verder begeleiden. Zo kunnen nieuwe inzichten worden opgedaan en kunnen nog onbekende oplossingen en mogelijkheden worden gezocht om de levensomstandigheden of de gezinssituatie te verbeteren.

De minister heeft recent met gedupeerde ouders gesproken.

“Hun verhalen over hoe de toeslagenaffaire heeft bijgedragen aan de situatie waarin ze met hun gezin terecht zijn gekomen, hebben diepe indruk op mij gemaakt. Ik wil het goed voor deze ouders en kinderen regelen. Dit zijn we ook aan hen verplicht.”

Het Ondersteuningsteam is een aanvulling op de hulp vanuit de hersteloperatie toeslagen en de extra inspanningen van gemeenten, jeugdbescherming en de Raad voor de Kinderbescherming die al voor ouders beschikbaar is.

Kosteloze rechtsbijstand
Gedupeerde ouders kunnen al kosteloos gebruik maken van rechtsbijstand binnen de hersteloperatie kinderopvangtoeslag. Nieuw is dat gedupeerde ouders kosteloze hulp kunnen ontvangen van een gespecialiseerde advocaat als zij zich willen verweren tegen een uithuisplaatsing. Samen met de Raad voor Rechtsbijstand en de Nederlandse Orde van Advocaten wordt hiervoor een subsidieregeling gemaakt.

Onafhankelijk onderzoek
De Inspectie Justitie en Veiligheid onderzoekt in samenwerking met de Inspectie Gezondheidzorg en Jeugd de jeugdbeschermingsketen in relatie tot de kinderopvangtoeslag. Ze is gestart met dit onderzoek en rondt dit onderzoek naar verwachting aan het eind van dit jaar af. De minister gaat in gesprek met de Tweede Kamer om te horen of er aanvullend onderzoek nodig is, bijvoorbeeld met het instellen van een commissie.

Herstart invorderen toeslagen vanaf april

Sinds het begin van de coronapandemie in maart 2020 is de invordering van toeslagschulden stopgezet, om te voorkomen dat mensen verder in financiële problemen zouden komen. Nu alle coronamaatregelen zijn opgeschort, is het belangrijk dat invordering van teveel ontvangen toeslagen weer wordt opgestart om te voorkomen dat betalingsachterstanden zich opstapelen. Dit gebeurt dan ook vanaf medio april.

Dit laat staatssecretaris Aukje de Vries (Toeslagen en Douane) aan de Tweede Kamer weten. Het gaat in totaal om ruim 1 miljoen burgers die voor in totaal circa 1 miljard euro aan betalingsachterstanden hebben. Staatssecretaris Aukje de Vries (Toeslagen): “Het is belangrijk dat betalingsachterstanden niet verder oplopen. Het weer moeten betalen van teveel ontvangen toeslagen kan behoorlijke impact hebben. Daarom gaan we zorgvuldig te werk en zijn er ruime betalingsregelingen voor hen die dit nodig hebben”.

Gedupeerde ouders van de toeslagenaffaire die zich hebben gemeld bij de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT) worden niet betrokken in de opstart. Voor hen blijft de invordering gepauzeerd tenminste zolang hun zaak in behandeling is bij het UHT.

Betalingsregeling
Door de lange pauzering van twee jaar vanwege corona zullen veel mensen niet weten dat er nog één of meerdere vorderingen openstaan. Betrokkenen ontvangen dan ook eerst een vooraankondiging met daarin een overzicht van de openstaande bedragen. Daarna ontvangt men een aanbod met de standaard betalingsregeling van twee jaar om alles terug te betalen. Het is mogelijk om een persoonlijke betalingsregeling te treffen als de financiële situatie daarom vraagt. Men kan dit via een vereenvoudigd formulier op de website of met hulp van medewerkers van de Belastingtelefoon aanvragen.

Tijdens de opstart is het overigens het voornemen van het kabinet om geen (wettelijk bepaalde) invorderingsrente te rekenen, dit om geen extra drempel op te werpen bij het terugbetalen. Een voorstel hiervoor zal bij het parlement worden ingediend.

Fasering
Om iedereen zo goed als mogelijk te kunnen helpen – met de aanvraag voor een persoonlijke betalingsregeling bijvoorbeeld - zal de invordering gefaseerd plaats vinden. De eerste brieven worden verstuurd naar burgers met schulden die redelijk recent zijn, opgebouwd van 2020 en jonger. Het gaat om circa 775.000 burgers. Burgers met de hoogste terugvorderingen worden pro-actief gebeld, nog voordat zij de eerste vooraankondigingsbrief ontvangen, om hen te informeren over de herstart en vragen over hun situatie te kunnen beantwoorden.

Het kabinet wil zoveel mogelijk mensen informeren over de aanstaande invordering. Dit gebeurt o.a. via artikelen in huis-aan-huisbladen en door stakeholders actief te informeren zoals gemeenten, bewindvoerders en juridisch loketten.

Segers: Nederlands sanctiebeleid tegen Rusland is 'beschamend'

De wijze waarop Nederland haar sanctiebeleid tegen Rusland uitvoert is niet op orde en dat is beschamend. Dat zei ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers gisteravond in het tv-programma Op1. De fractievoorzitter is van mening dat andere landen momenteel meer haast maken met hun strafmaatregelen tegen Moskou en dat Nederland daar een voorbeeld aan moet nemen.

"Het is een crisis en het lukt ons niet om snel te handelen", stelde Segers. "De boten zijn weggevaren, de huizen van eigenaar gewisseld en de bv's aan de Zuidas zijn ontmanteld. Het is te laat." Segers gaf aan dat overige landen meer Russische tegoeden hebben kunnen bevriezen en daadkrachtiger te werk zijn gegaan met hun sancties.

Volgens Segers moet Nederland meer samenwerken op Europees niveau maar ook met de Verenigde Staten om Rusland effectief onder druk te kunnen zetten. "De economische macht die Europa heeft, die moeten we inzetten, maar dat kan alleen als we goed samenwerken."

In 2021 ruim 19 duizend mensen aan COVID-19 overleden

In 2021 zijn 19,4 duizend mensen overleden aan COVID-19. De hoogste sterfte aan deze doodsoorzaak vond plaats in de maanden met de meeste oversterfte: januari, november en december. Bijna 61 procent van de in 2021 aan COVID-19 overleden mensen was ouder dan 80 jaar. Van alle overledenen aan COVID-19 gebruikte 46 procent Wlz-zorg. Dit meldt het CBS op basis van de voorlopige cijfers over doodsoorzaken.

Vanaf maart 2020, het begin van de coronapandemie, tot en met december 2021 zijn bijna 40 duizend (39 552) mensen aan COVID-19 overleden. In 2020 waren er 20 173 mensen met als doodsoorzaak vermoedelijke of vastgestelde COVID-19 (12 procent van alle sterfgevallen in 2020); in 2021 waren dit er 19 379 (11 procent van de sterfgevallen in 2021).

In januari 2021 overleden 4 464 mensen aan COVID-19, in november 3 097 en in december 3 353. April 2020 telde de meeste overledenen aan COVID-19: 6 378 mensen.

COVID-19-sterfte valt samen met oversterfte
De perioden waarin relatief veel mensen aan COVID-19 overleden, vallen grotendeels samen met de perioden waarvoor het CBS eerder oversterfte heeft vastgesteld. De sterfte aan andere groepen doodsoorzaken lag toen rond of onder de verwachte sterfte voor die doodsoorzaken.

Er zijn in 2020 en 2021 drie golven met oversterfte te onderscheiden: de eerste in het voorjaar van 2020, de tweede van najaar 2020 tot begin 2021, en de derde die aan het eind van de zomer van 2021 begon en rond de jaarwisseling eindigde. In augustus 2020 was een oversterftepiek duidelijk gerelateerd aan een hittegolf.
In elke golf van oversterfte is ook een toename te zien in COVID-19-sterfte. In de derde golf (van week 33 tot en met week 52) was de oversterfte echter groter dan de sterfte aan COVID-19. De sterfte lag ruim 11 duizend hoger dan verwacht, en er overleden bijna 7,8 duizend mensen aan COVID-19 (op basis van de huidige voorlopige cijfers). Mogelijk dragen andere doodsoorzaken bij aan de oversterfte tijdens die periode, vooral bij 65- tot 80-jarigen.

Hoogste COVID-sterfte bij 80-plussers
Van de ruim 19 duizend mensen die in 2021 aan COVID-19 overleden, was 60,9 procent 80 jaar of ouder (11 775 mensen). De oversterfte in deze leeftijdsgroep komt grotendeels overeen met de sterfte door COVID-19, ook in de derde oversterftegolf. In de derde oversterftegolf (week 33 tot en met 52 van 2021) overleden 6,4 duizend meer 80-plussers dan verwacht. Bij zeker 5 duizend mensen in die leeftijdsgroep was COVID-19 vastgesteld als onderliggende doodsoorzaak tijdens die periode (gebaseerd op de voorlopige cijfers).

Ook onder mensen van 65 tot 80 jaar komt de stijging van de sterfte tijdens de derde oversterftegolf grotendeels overeen met de hogere sterfte door COVID-19. De sterfte exclusief COVID-19 was hoger dan de verwachte sterfte en lag - anders dan bij 80-plussers - deels buiten de marge van de verwachte sterfte. Onder 65- tot 80-jarigen overleden in de derde golf 3,5 duizend mensen meer dan verwacht. Volgens de voorlopige doodsoorzaakgegevens overleden in dezelfde periode 2,2 duizend mensen aan COVID-19. Mogelijk dragen andere doodsoorzaken bij aan de oversterfte in die periode.

Onder de 65 jaar fluctueert de sterfte per week sterk. In deze leeftijdsgroep zijn vooral de eerste en derde oversterftegolf zichtbaar en is er een toename in COVID-19-sterfte tijdens alle golven. Tijdens de derde oversterftegolf overleden 1,2 duizend meer mensen jonger dan 65 jaar dan verwacht en werd volgens de voorlopige cijfers bij bijna 500 van hen COVID-19 als doodsoorzaak vastgesteld.

46 procent van overledenen aan COVID-19 in 2021 Wlz-zorggebruiker
Van de mensen die in 2021 overleden aan COVID-19, ontving 46 procent (8 825) langdurige zorg vanuit de Wlz, zoals bewoners van verpleeghuizen of gehandicaptenzorginstellingen. In 2020 was 58 procent van de overledenen aan COVID-19 een Wlz-zorggebruiker.

In de eerste helft van 2021 overleden relatief weinig Wlz-zorggebruikers aan COVID-19, en was de sterfte in de overige bevolking hoger.

Overledenen naar groepen doodsoorzaken
De COVID-19-sterfte steeg eind 2021 tot een derde piek. Tegelijkertijd overleden er in het vierde kwartaal meer mensen aan hart- en vaatziekten (+16 procent) en ziekten van de ademhalingsorganen (+25%) dan in het derde kwartaal. Dit seizoenpatroon is vanaf 2015 jaarlijks te zien; in de winterperiode overlijden meer mensen aan deze ziekten. Dit patroon is ook te zien bij de sterfte aan psychische stoornissen en ziekten van het zenuwstelsel, waartoe onder andere dementie en de ziekte van Alzheimer behoren, met een toename van de sterfte met 8 procent ten opzichte van het derde kwartaal. Tijdens de tweede piek van COVID-19-sterfte was vooral het aantal mensen dat overleed aan ziekten van de ademhalingsorganen lager dan normaal voor die tijd van het jaar. Dat had te maken met het ontbreken van een griepgolf.

Cijfers sterfte aan COVID-19
De cijfers over doodsoorzaken zijn gebaseerd op de doodsoorzaakverklaringen van artsen, die het CBS verwerkt en na vier maanden kan publiceren. Het RIVM en de Rijksoverheid melden het aantal overleden COVID-19-patiënten per week. Dat aantal is lager dan wat het CBS later publiceert op basis van doodsoorzaken. Dat komt doordat melding van COVID-19-sterfte aan het RIVM niet verplicht is. Ook kan een arts COVID-19 als doodsoorzaak op basis van het klinisch beeld vaststellen, zonder dat dit met een test is vastgesteld. Over het totaal aantal overledenen publiceert het CBS wekelijks cijfers, voordat informatie over de doodsoorzaken bekend is.

Op basis van GGD-meldingen rapporteerde het RIVM 21 049 mensen die overleden aan COVID-19 van maart 2020 tot en met 31 december 2021 (stand op 29 maart 2022). Het CBS registreerde in dezelfde periode op basis van doodsoorzaakverklaringen 39 552 mensen die overleden aan vastgestelde of vermoedelijke COVID-19.

Sars-COV-2 ( Beeld Pixabay)
Sars-COV-2 ( Beeld Pixabay)

Lil Kleine reageert vanuit Thailand: 'Ik ben niet het goede voorbeeld voor mijn kind geweest'

Lil Kleine zegt in een video op Instagram dat hij niet het goede voorbeeld voor zijn zoontje is geweest. De rapper wordt verdacht van een (poging tot) zware mishandeling van zijn vriendin Jamie Vaes, moeder van het kind. In de video, opgenomen in Thailand waar Lil Kleine professionele hulp zegt te krijgen, betuigt hij spijt: "Ik zie in dat ik een veel te lange tijd op een ongezonde manier heb geleefd." Zo meldt AT5.

De 27-jarige Jorik Scholten, zoals Lil Kleine officieel heet, werd in februari aangehouden. Er waren van de vermeende mishandeling op sociale media beelden van een bewakingscamera verschenen. Scholten zou het hoofd van zijn verloofde bij hun woning tussen een autodeur hebben geklemd.

Cel
De rapper verbleef drie nachten in de cel. De rechter-commissaris besloot de hechtenis te schorsen. Het Openbaar Ministerie was het daar niet mee eens en tekende hoger beroep aan. De raadkamer besloot dat Lil Kleine toch nog veertien dagen moest vastzitten. Twee weken geleden mocht hij de gevangenis verlaten.

Spijt
In de video zegt de rapper dat hij een hele tijd niks van zich heeft laten. "Ik zie in dat ik een veel te lange tijd op een ongezonde manier heb geleefd. Op een verkeerde manier heb geleefd en de verkeerde dingen heb gedaan als persoon. Dat ik mezelf niet ben geweest. Dat ik verkeerd heb gehandeld en heel veel mensen pijn heb gedaan en gekwetst. Dat had nooit mogen gebeuren."

Scholten erkent dat hij professionele hulp nodig heeft. "Ik ben op dit moment in Thailand en krijg daar de hulp. Het wordt een hele lange weg, maar ik ga er met volle moed tegenaan."

Zoontje
Ook het 2-jarige zoontje van Lil Kleine en Jamie Vaes, Lío, haalt hij aan. "Wat ik ook nog wil zeggen: ik realiseer mij heel goed dat ik niet het voorbeeld ben geweest voor mijn eigen kind wat ik wil zijn als vader."

Hij besluit de video: "Ik wil ook dat jullie weten dat ik jullie heel erg mis, dat ik van jullie hou en jullie hopelijk heel snel weer zie."

Samenwerkingen
Na de vermeende mishandeling hebben meerdere bedrijven de samenwerking met de rapper stopgezet. Zijn nieuwe platenlabel Sony Music beëindigde het contract en ook TopNotch promoot zijn muziek niet meer. Daarnaast werd het wassen beeld van Lil Kleine uit Madame Tussauds gehaald.

Laatste reviews en specials
special
FOK! Zien en doen: Verzetsmuseum Amsterdam
review
Guillermo del Toro's Pinocchio is bijna briljant
review
The Dark Pictures Anthology: The Devil in Me
special
Random Pics van de Dag #802
special
AI Picture Gallery #64
special
AI Picture Gallery #63
©FOK.nl e.a.