Einde getto-opstand Warschau 65 jaar geleden

Opstand
De definitieve ontruiming van het getto begon op 19 april 1943 aan de vooravond van het Joodse paasfeest, Pesach. De Joodse strijdkrachten beschikten over hoogstens 1.000 manschappen, terwijl SS-Brigadeführer Jürgen Stroop, de aanvoerder van de Duitse troepen, minstens 2.000 zwaar bewapende manschappen tot zijn beschikking had. De Duitsers hadden welliswaar enige tegenstand verwacht, maar hun verwachting was dat binnen drie dagen alle overgebleven Joden uit het getto afgevoerd konden worden. Het duurde echter tot 16 mei 1943 voordat Stroop aan zijn superieuren kon doorgeven dat zijn operatie afgerond was. Op 15 mei was het laatste gebouwencomplex in het getto verwoest. Een dag later werd de synagoge van Warschau opgeblazen. Dit was het symbolische einde van Stroops operatie.

Volgens Stroop waren er 56.065 Joden gedeporteerd of gesneuveld tijdens de strijd. De slachtoffers die vielen als gevolg van de branden en explosies, werden hierbij echter niet meegeteld, zodat het totale aantal slachtoffers een stuk hoger lag. Het merendeel van de slachtoffers waren non-combattanten. De Duitse commandant rapporteerde 15 dodelijke slachtoffers en meer dan 80 gewonden onder zijn manschappen, maar vermoedelijk ligt ook dit aantal veel hoger. Toch was het verzet in het getto nog niet helemaal ten einde na de officiële beëindiging op 16 mei. In de ruïnes van het getto werd nog tot begin juli doorgevochten door ondergrondse, maar nauwelijks nog georganiseerde Joodse strijders.



De laatste bunker waar de opstand eindigde


Nasleep
Met de totale liquidatie van het getto in Warschau kwam ook een einde aan Aktion Reinhard. Het merendeel van de Joden in het Generalgouvernement was omgebracht en Heinrich Himmler gaf de opdracht tot de ontmanteling van de vernietigingskampen Belzec, Sobibor en Treblinka. Van maart 1942 tot november 1943 waren in deze vernietigingskampen in totaal 1,7 miljoen Joden omgebracht. In augustus 1944 brak er een opstand uit onder de Poolse bevolking van Warschau. Ook enkele honderden Joden vochten mee met het Poolse Thuisleger. De opstand mislukte en Warschau werd gedurende deze hevige strijd tot de grond toe verwoest. Op 17 januari 1945 werd Warschau uiteindelijk bevrijd door het Sovjetleger. In de ruïnes van de Poolse stad werden nog zo’n 300 ondergedoken Joden aangetroffen, waaronder de pianist Wladyslaw Szpilman die in leven had kunnen blijven dankzij de hulp van de Wehrmacht-officier Wilm Hosenfeld.

De opstand in het getto in Warschau was niet de enige verzetsactie van de Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog. In meerdere andere getto’s braken opstanden uit, meestal als de definitieve liquidatie was aangekondigd, zoals in Bialystok waar op 15 augustus 1943 een opstand losbarstte die vijf dagen duurde. Vele honderden Joden kwamen om tijdens deze strijd of werden gedeporteerd, maar het lukte enkele tientallen Joden om te ontsnappen en te vluchten naar de bossen van Bialystok. Zelfs in de vernietigingskampen organiseerden de Joden opstanden, zoals de opstand in Treblinka op 2 augustus 1943 en de opstand in Sobibor op 14 oktober 1943. Na de ontruiming van de getto’s en de liquidatie van de vernietigingskampen boden de Joden die hadden kunnen ontsnappen verzet vanuit de moerassen en bossen van Oost-Europa waar ze zich aansloten bij partizanengroepen. Het Joodse verzet kon de Holocaust niet voorkomen, maar wanneer we beweren dat de Joden zich massaal als makke lammeren naar de slachtbank hebben laten leiden, miskennen we de vele acties van moedig verzet tegen een veel sterkere tegenstander.

Meer over dit onderwerp kunt u lezen op Go2War2.nl, de grootste Nederlandstalige website over de Tweede Wereldoorlog.