Ready or Not (Console)
Je hebt shooters waar je lekker achterover hangt, beetje rennen, beetje knallen, high-fives met AI-teamgenoten en door naar de volgende explosie. En dan heb je Ready or Not. Dit is geen pretparkrit met machinegeweren, dit is een zenuwslopende SWAT-simulator waar elke deur je dood kan zijn. Geen muziek, geen killstreaks, geen glimmende wapens. Alleen jij, je team, en de stilte van een trapgat dat ruikt naar meth en spijt.

Zeker in multiplayer komt de game echt tot leven. Solo spelen kan, maar voelt een beetje als in je eentje karaoke doen, het kan, maar iedereen kijkt raar op. Met een groep vrienden daarentegen, verandert Ready or Not in een co-op nachtmerrie op de beste manier. Je roept commando’s via teamchat:“DEUR LINKS!” net als iemand een flashbang tegen z’n eigen hoofd gooit, en lacht pas weer als de missie (net) niet is mislukt.
Dat teamgevoel is waar deze game in uitblinkt. Je vertrouwt op elkaar, dekt elkaars hoeken.
Wat Ready or Not vooral zo verslavend maakt, is dat typische “nog één missie dan”-gevoel dat je in coöp bijna altijd hebt. Je maakt fouten, je lacht je kapot, je schreeuwt tegen die ene vriend die per ongeluk een flashbang gooit terwijl je net binnenstapt en toch wil je direct weer opnieuw. Het zijn die chaotische, maar hilarische momenten die het samen spelen onvergetelijk maken. Zelfs als de missie mislukt, voelt het als een overwinning omdat je het samen hebt verkloot. En als het dan eindelijk lukt om zonder incidenten een gijzeling op te lossen? Dan voelt dat als een medaille. Geen game weet zo goed die grens te vinden tussen serieuze spanning en gezellig gekloot met vrienden als Ready or Not.

Maar ja, dan het grote punt: hoe speelt het op console? Laten we eerlijk zijn: alsof je probeert te jongleren met bowlingballen. De controllerbesturing is, vriendelijk gezegd, ‘uitdagend’. Iets minder vriendelijk: het is alsof iemand het commandomenu in een doolhof heeft gezet en je een blinddoek omdoet. Alles zit weggestopt achter radiale menu’s, knoppencombinaties en lagen van “wacht even, wát moet ik nu indrukken?”. Je wil gewoon even snel zeggen “spiegel die deur”, maar tegen de tijd dat je het juiste submenu gevonden hebt, is je hele team al drie keer neergeschoten.
Dat zorgt ervoor dat de anders zo spannende co-op sessies op console soms omslaan in lichte paniek of slapstick. Want waar je in een spannend moment snel moet schakelen, zit jij je met een controller af te vragen of je nu ‘X ingedrukt moet houden’ of ‘R1 + links’ moest doen. Puniken is er helemaal niets bij. Niet handig als er iemand op je schiet. Of als een gijzelaar in paniek wegrent en je team besluit collectief op z’n schoenen te mikken.
Toch is het niet allemaal kommer en kwel. Als je eenmaal een beetje gewend raakt aan het systeem – en dat duurt even – kun je ook op console best serieuze missies draaien. Maar je voelt aan alles dat Ready or Not is ontworpen voor precisie en snelheid, en daar loopt een controller al snel tegen zijn limieten aan. Het is alsof je een chirurg probeert te zijn met ovenwanten aan. Je kúnt snijden, maar je patiënt heeft daarna waarschijnlijk drie extra openingen.
Grafisch is het allemaal prima. Niet schokkend mooi, maar de sfeer is spot-on. Donkere, smerige appartementen, verlaten tankstations, alles ademt onheil. Je bent constant op je hoede. En die spanning – die voel je vooral met vrienden. Dat moment waarop je met drie man in het donker een huis binnensluipt, fluisterend over de voicechat, en dan ineens ... chaos. Dat is waar Ready or Not echt in uitblinkt.
De AI is soms briljant en soms hersendood, net als je medespelers. Maar in multiplayer maakt dat het juist leuk. Het is niet perfect, maar het voelt authentiek. En laten we eerlijk zijn: als alles vlekkeloos loopt, is het toch saai? Die ene vriend die z’n taser verwart met z’n shotgun zorgt voor de verhalen waar je om lacht.
Er zijn ook minpunten, natuurlijk. Bugs, glitches, teamleden die zich als lemmings gedragen, verdachte boeven die ineens achteruit door muren verdwijnen. Maar in een of andere twisted manier past dat allemaal in de charme. Ready or Not voelt soms als een tactische ramp in slow-motion. En dat is precies waarom je het blijft spelen.
Ready or Not is een intense coöperatieve shooter, mits je het speelt met de juiste mensen. De consoleversie werkt, maar voelt soms als werken. De besturing is niet optimaal en je merkt dat het spel net iets te ambitieus is voor een standaardcontroller. Maar als je erin duikt met een beetje geduld en vooral met een groep vrienden die weten wanneer je wel of juist niet een deur moet intrappen, dan krijg je een multiplayerervaring vol spanning, chaos, fouten en de mooiste missies die nét goed gaan.