De nieuwe 'Superman' zit bomvol, maar voelt heel licht
Hoe begin je een reboot? Gewoon middenin de actie. Na een paar regels tekst, waarin regisseur en schrijver James Gunn onder andere aan de kijker uitlegt dat Superman nu zo'n drie jaar actief is als de blauwe superheld met de rode cape, zien we hem gehavend, gewond en verslagen na een gevecht met een krachtpatser in Metropolis. Hij landt op het ijs van de Zuidpool, waar zijn Fortress of Solitude is gevestigd en trekt zich daar terug om te herstellen.
Geen lange introducties dus op Krypton, in Superman, een herstart van zowel de Superman-franchise als het gedeelde DC Universe. Dat een jonge Kal-El in een ruimteschip naar onze planeet is gestuurd, door zijn ouders die zichzelf niet meer konden redden maar hem nog wel? De gemiddelde kijker weet dat wel en krijgt het bovendien ook nog even kort in een stukje dialoog te horen. James Gunn verspilt geen tijd aan het opnieuw tonen van wat we al weten, maar duikt meteen in de actie en gebruikt die verzorgingspauze meteen om een aantal nieuwe dingen te laten zien. Nieuw voor de filmserie, althans. Het Fortress wordt bevolkt door een aantal robots, die Superman assisteren en hij heeft een hond, Krypto, die ook supersterk is, kan vliegen en, en dit is niet per sé afgeleid van de comics, totaal onhandelbaar is. Het Fortress kan bovendien zichzelf onder het ijs verbergen als Superman niet thuis is.

De openingsscènes worden ook gebruikt om een beeld te schetsen van deze versie van Superman, gespeeld door David Corenswet. Nadat zijn robots hem herstellen vliegt hij direct terug naar Metropolis om de strijd te vervolgen. Vastberaden en niet iemand die snel opgeeft, deze Superman, maar ook niet eentje die gaat zitten mokken om zijn problemen of dat het allemaal zo moeilijk is. En die toon is waarmee Gunn zich onderscheidt van zijn voorgangers. Van Zack Snyders DC films bijvoorbeeld wordt vaak gezegd dat ze te donker zijn, zowel letterlijk qua beeld als figuurlijk qua toonzetting, en dat er te weinig hoop wordt uitgestraald door de held in de felle kleuren. In Gunns DC Universe zijn die kleuren ook daadwerkelijk fel, is er ook echt meer licht en voelt Superman, hoewel die gedurende dit verhaal worstelt met fysieke en morele problemen, meer als de allemansvriend dan als de te vereren god.
En menselijker. Hoewel de scènes tussen Clark en Lois Lane (Rachel Brosnahan), of die met zijn ouders in Smallville, schaars zijn en de karakterontwikkeling daardoor niet noodzakelijkerwijs heel diep gaat, is te zien dat deze Clark gewoon een jongen is die is opgegroeid op een boerderij, die vervolgens is uitgegroeid tot de sterkste superheld, of metamens, van de planeet. Gunn geeft ons momenten waarin Lois en Clark ruziën (hun samenwerking begint ruim voor de film; ook hier wordt geen tijd verspild aan die opbouw), waarin Jonathan Kent zijn zoon belangrijke levenslessen geeft en waarin Clark zich een willekeurige straatverkoper bij naam herinnert omdat die hem ooit iets te eten gaf. Deze Superman staat dicht bij de mensen om hem heen en mensen vertrouwen hem. Er is daadwerkelijk een relatie tussen de held en de mensen, meer dan we konden zien in eerdere verfilmingen.

Dat is vervolgens een goede basis om de hoofdverhaallijn van Superman op te baseren. Het omvat een breed spectrum aan bedreigingen en nieuwe ideeën, veelal gelinkt aan Lex Luthor en gedreven door de klassieke Luthor-motivatie: de jaloezie dat Superman beter is dan hij. Maar nergens wordt deze Luthor, hier onheilspellend gespeeld door Nicholas Hoult, een karikatuur. En dat was voorheen toch altijd het grootste kritiekpunt: Lex is in de meeste films een lichtvoetig, bijna komisch figuur, of omgeven met komische handlangers, waardoor zijn karakterisering, hoe goed acteurs als Gene Hackman en Kevin Spacey dit ook weten te balanceren, vaak tweedimensionaal wordt. (Of gewoon raar, zoals die gekke trekjes die Jesse Eisenberg hem gaf.) Niet hier: zijn motivaties zijn hetzelfde, maar zijn plannen zijn complex en zitten vol met kleine details. Hij heeft nog steeds handlangers (inclusief Otis en Eve), maar zijn legertje uitvoerenden bestaat uit veelal capabele, gedreven werknemers. Dat maakt het bovendien erger: gedurende het verhaal blijkt waar Lex toe in staat is en de wetenschap dat al die mensen hem doodleuk steunen in zijn acties is misschien nog wel schokkender dan de gestoorde ideeën van de miljardair zelf.
Met de plannen en acties van Lex Luthor laat Gunn zien hoe creatief hij kan zijn met een mix van fantasy en science fiction, en daarmee legt hij een basis voor het nu officieel geopende DC Universe waarin deze factoren op gelijke mate voor zullen komen. Meer dan in eerdere films wordt er alvast gekeken naar andere metamensen en superkrachten, er is vergaande (multidimensionale) semi-wetenschap en er is een bredere selectie van buitenaardse figuren zichtbaar dan tot nu toe in de meeste DC-films te zien is geweest. Wat Superman daarom toevoegt aan de reeks is een bredere wereld, waarin meer mogelijk is, waarin tegelijk ook niet te moeilijk wordt gedaan over hoe vergaand sommige zaken zijn: de dingen zijn gewoon zoals ze zijn. Ook hier versplit Gunn geen tijd aan het uitleggen van concepten.
Is Superman dan alleen maar vernieuwend? Zeker niet. Er zijn juist veel verwijzingen naar de eerdere films en vanzelfsprekend de comics. Lex heeft nog steeds een voorkeur voor het bezitten van land, de redactie van de Daily Planet bevat alle usual suspects, een aantal verhaalmomenten verwijst naar gebeurtenissen in eerdere films; het betekent dat het vertrouwd aanvoelt, maar niet als een herkauwde remake. Het betekent ook dat het eigenlijk wel een erg volle film is. Superman heeft nauwelijks tijd om niet bezig te zijn met het bevechten van tegenstanders, want hij valt van de ene gebeurtenis in de andere, en als hij niet in een cape aan het vechten is, dan is er wel een kritisch interview met Lois, of moet Jimmy Olsen contact leggen met een anonieme bron, of zijn de andere metamensen met elkaar bezig, of is Lex zijn handlangers aan het aansturen... er gebeurt van alles. En dat is allemaal wel te volgen, en de tijd vliegt werkelijk voorbij, maar het kan voor sommigen misschien ook wat overweldigend aanvoelen.
Dat neemt echter niet weg dat Superman in principe de superheldenfilm is die we nu nodig hebben. James Gunn (h)erkent dat de man van staal er eentje is die zich bewust in felle kleuren kleedt, om een vriendelijke, niet-dreigende uitstraling te hebben en dat we anno 2025 meer hebben aan een held die zich zichtbaar in het zweet werkt om mensen te redden en zich veilig te laten voelen dan eentje die met een frons zit te klagen dat het allemaal zo moeilijk is. Hij laat zien hoe Superman tijdens een gevecht een piepklein eekhoorntje redt van de verplettering, of een groot monster probeert weg te houden van gebouwen. Hij toont een worsteling in Kal-El: waartoe is hij hier op onze planeet, en wie bepaalt dat? Hij toont een menselijke kant van dit buitenaardse wezen. En door dit alles krijgt David Corenswet de kans om te laten zien dat hij misschien wel de meest geloofwaardige Superman sinds Christopher Reeve is. Deze film zit bomvol personages, gebeurtenissen en ideeën, maar het voelt allemaal vederlicht en het vliegt voorbij. Als dit de toon zet voor het nieuwe DC Universe zitten we met James Gunn voorlopig wel goed.