Durf jij nog een echte kaars aan te steken?
Het longfonds adviseert om geen echte kaarsen meer aan te steken, omdat de fijnstof uit de rook niet goed is voor je gezondheid. Volgens kaarsenproducent Bolsius is het risico bij een kwalitatieve kaars verwaarloosbaar. Durf jij nog een echte kaars aan te steken?

Gezellig wat kaarsjes aan (@Freepik)
Een kaars op de kersttafel of een kaars in het raamkozijn creëert voor veel mensen een gezellige sfeer tijdens de donkere dagen. Maar deze week kwam het advies om geen echte kaarsen aan te steken, maar uit te wijken naar een kaars op batterijen.
Volgens Károly Illy, directeur van het Longfonds, komt er fijnstof vrij bij het branden van kaarsen. "Het aansteken van kaarsen is schadelijk voor je longen, dus eigenlijk voor iedereen."
Toxicoloog Theo de Kok van de Universiteit van Maastricht deelt de mening van Illy. "Het is een normaal verbrandingsproces. Daarbij wordt het kaarsvet omgezet in verschillende gasvormige stoffen. En die komen in de omgeving terecht waar de kaarsen branden. Deze stoffen zijn schadelijk voor de gezondheid en bevatten kankerverwekkende componenten."
De vorm en kwaliteit van de kaars maken wel degelijk verschil, volgens Kok. "De schadelijkheid hangt sterk af van de dikte en het type lont. Dit bepaalt hoe goed een kaars daadwerkelijk verbrandt. Dunne kaarsen met een dunnere lont branden over het algemeen gemakkelijker dan dikke kaarsen."
Bij dikke kaarsen met een dikke lont komen er meer roetdeeltjes in de lucht vrij, legt Kok uit. In reactie op het advies van het Longfonds zei kaarsenproducent Bolsius dat de uitstoot bij kwaliteitskaarsen 'verwaarloosbaar' is, maar volgens Kok is dat onjuist. "Ook al bevatten ze misschien minder verontreinigingen, er komt nog steeds roet vrij, dus het is zeker niet verwaarloosbaar."