Meerkampsters Dokter en Oosterwegel prima begonnen aan WK, Hall domineert
Tijdens de wereldkampioenschappen atletiek in Tokyo is vrijdag ook begonnen met de zevenkamp. De vrouwen werkten hun eerste dag af met daarop de eerste vier onderdelen, zaterdag volgen de laatste drie onderdelen.
Vooraf waren de Amerikaanse Anna Hall, de Belgische Nafissatou Thiam en de Britse Katarina Johnson-Thompson de voornaamste favorieten en vooral Hall begon prima: 13,05 seconden op de 100 meter horden, tegen 13,44 en 13,61 voor Johnson-Thompson en Thiam. Bij het hoogspringen viel de Amerikaanse met 1,89 meter wat tegen, maar Thiam kwam teleurstellend ook niet hoger en Johnson-Thompson haakte op 1,86 meter af.
Het kogelstoten verliep voor de grote drie allemaal wat beter: Hall haalde met 15,80 meter behoorlijk uit, Thiam deed het met 14,85 meter ook zeker naar behoren en Johnson-Thompson liet met 13,37 meter relatief gezien weer wat liggen. Dat deed ze ook op de 200 meter: haar 23,51 was relatief beduidend minder goed dan de 23,50 van Hall, terwijl Thiam met een zeer matige 25,52 afgehaakt lijkt te zijn in de strijd om goud.
De istrijd wordt vooralsnog met overmacht aangevoerd door Hall, terwijl Johnson-Thompson en Thiam op plek drie en zes staan. De tweede plek is in handen van de verrassende Ierse Kate O'Connor, die een geweldige meerkamp draait en al drie persoonlijke records noteerde: 13,44 op de horden, 1,86 meter bij het hoogspringen en 24,07 op de 200 meter, terwijl ze er met 14,37 meter bij het kogelstoten ook bij in de buurt kwam.
Sofie Dokter doet het eveneens prima en is de beste Nederlandse op plek vier. Ten opzichte van haar persoonlijk record leverde ze wat in, maar vooral bij het hoogspringen (1,86m) en kogelstoten (13,98m) deed ze het voor dit seizoen uitstekend. Emma Oosterwegel staat op het moment op plek elf en is ook uitstekend bezig, met zelfs persoonlijk records op de horden (13,28) en de 200 meter (24,03).