Bol opnieuw wereldkampioene 400m horden, Lyles wint sensationele 200m-finale

heywoodu

In Tokyo is op het wereldkampioenschap atletiek ook vrijdag weer flink gestreden. Een van de meest 'zekere' gouden medailles, voor zover dat in de sport natuurlijk bestaat, moest vergeven worden en dat leverde Nederland niet geheel onverwacht fraai goud op.

400m horden mannen, finale
De Amerikaanse olympisch kampioen Rai Benjamin vloog over de baan en was iedereen met afstand de baas, maar toch maakte hij het spannend: hij stootte de laatste horde omver en verloor veel snelheid. Hij hield stand en pakte het goud in 46,52 seconden - alleen Benjamin zelf, verdedigend wereldkampioen Karsten Warholm en diens voorganger Alison dos Santos waren ooit sneller. De Braziliaan Dos Santos liep in 46,84 naar het zilver, voor de Qatarees Abderrahman Samba, die met 47,06 seconden afrekende met jarenlang blessureleed. De Noor Warholm moest het doen met plek vijf in 47,58 seconden, achter Ezekiel Nathaniel (47,11). De Nigeriaan leek even brons te pakken, want Benjamin werd gediskwalificeerd, omdat de door hem omgestoten horde bij Nathaniel in de baan kwam, maar die diskwalificatie werd toch weer teruggedraaid.

400m horden vrouwen, finale
Femke Bol vertrok als torenhoog favoriete en de verdedigend wereldkampioene maakte haar status waar: ze liep overtuigend naar het goud in 51,54 seconden, de snelste tijd wereldwijd dit jaar. De Amerikaanse Jasmine Jones bleef nog opmerkelijk dicht in de buurt en pakte zilver in 52,08 seconden, terwijl Emma Zapletalova stuntte door een zeldzame Slowaakse medaille te pakken in een nationaal record van 53,00 seconden.

Hinkstapspringen mannen, finale
Hij moest het vorige WK als titelverdediger missen, maar Pedro Pablo Pichardo is er inmiddels weer bij. Na het olympisch zilver van Parijs keerde de Portugees terug naar Tokyo, waar hij vier jaar eerder olympisch goud won en waar hij met 17,55 meter lange tijd aan de leiding ging. In de allerlaatste ronde ontplofte de boel echter: Andrea Dallavalle vloog naar 17,64 meter, een dik persoonlijk record voor de Italiaan. Pichardo toonde zich gelijk daarna echter een groots kampioen: hij antwoordde met 17,91 meter in de laatste sprong en pakte zo alsnog zijn tweede wereldtitel, voor Dallavalle en de Cubaan Lazaro Martinez (17,49m).

200m mannen, finale
In een fenomenale finale was lang onduidelijk hoe de medailles verdeeld zouden worden, maar in de laatste meters bleek de grote favoriet toch gewoon weer de beste: de Amerikaanse grootheid Noah Lyles snelde naar zijn vierde opeenvolgende wereldtitel in 19,52 seconden, vlak voor landgenoot Kenny Bednarek (19,58). Het brons ging naar de Jamaicaan Bryan Levell, die met 19,64 seconden de snelste derde tijd ooit liep - olympisch kampioen Letsile Tebogo en de Brit Zharnel Hughes liepen met 19,65 en 19,78 seconden de snelste vierde en vijfde tijden ooit in een wedstrijd.

200m vrouwen, finale
Er stond geen enkele maat op de Amerikaanse topfavoriete Melissa Jefferson-Wooden, die na de 100 meter ook de dubbele sprint won in een beste wereldjaarprestatie van 21,68 seconden - slechts zeven vrouwen waren ooit sneller, waaronder overigens Dafne Schippers. Het zilver ging zeer verrassend naar de Britse Amy Hunt in 22,14 seconden, vlak voor tweevoudig verdedigend wereldkampioene Shericka Jackson uit Jamaica (22,18).

5000m mannen, series
Mike Foppen liep uitstekend in zijn serie: hij was attent, wist goed aan te haken tot de groep kleiner werd en liep ze in 13:13,97 minuten naar de zevende plek, waar de top-8 gevraagd werd voor een finaleplek. Voor Niels Laros verliep het beduidend minder prettig: de nummer vijf op de 1500 meter moest twee ronden voor het einde ogenschijnlijk geblesseerd afhaken.