Na de dood van Bouterse
Desiré Delano (Desi) Bouterse (79) hield Suriname ruim veertig jaar in zijn greep als militair, politiek leider en uiteindelijk ook als voortvluchtige veroordeelde. Vrijdag 27 december kwam naar buiten dat de oud-president was overleden. Al snel bleek dat er veel onduidelijkheid en geheimzinnigheid heerste rond zijn dood. Terwijl de ene bron sprak over een ‘kort ziekbed’ en een schuiladres in de jungle, maakte het Surinaamse Openbaar Ministerie (OM) uiteindelijk bekend dat Bouterse is overleden aan complicaties van leverfalen, veroorzaakt door chronisch alcoholgebruik. De autoriteiten voegden daaraan toe dat zijn stoffelijk overschot eerst in beslag werd genomen om de exacte doodsoorzaak te onderzoeken, onder meer om crimineel handelen uit te sluiten.
De opeenvolging van gebeurtenissen in de dagen na zijn dood leidde tot heel wat vragen in Paramaribo en daarbuiten. De regering liet weten dat er geen staatsbegrafenis zou komen, hoewel Bouterse als oud-president in principe recht had op dergelijke eer. Ondertussen ontstond er commotie over de vraag hoe het mogelijk was dat deze voortvluchtige man, veroordeeld tot twintig jaar gevangenisstraf in verband met de Decembermoorden van 1982, vrijwel ongemerkt kon sterven en of er mogelijk een deal was gesloten om hem zijn laatste adem in alle rust thuis te laten uitblazen.
De laatste levensfase van een voortvluchtige
Eind 2022 werd Bouterse in hoger beroep opnieuw veroordeeld tot twintig jaar cel voor zijn rol in de Decembermoorden, waarbij in 1982 vijftien tegenstanders van zijn militaire regime werden gemarteld en vermoord in Fort Zeelandia. De rechter zag geen aanleiding om de eerder opgelegde straf te matigen. Bouterse moest zich in januari 2023 melden bij de Surinaamse gevangenis, maar liet verstek gaan. Sindsdien ontbrak ieder spoor.
Diverse speculaties deden de ronde over zijn onderduiklocaties. Sommigen noemden Cuba of Venezuela, omdat Bouterse in het verleden goede relaties onderhield met deze landen en daar mogelijk medische verzorging kon krijgen. Anderen wezen op de uitgestrekte Surinaamse jungle, waar hij over de jaren verscheidene buitenverblijven zou hebben gehad. Ook klonk het gerucht dat hij zelfs binnen Paramaribo geregeld thuis verbleef, zonder dat de politie daar volgens critici serieus naar op zoek ging.
In de loop van december 2023 doken concrete verhalen op over een bouwcomplex in Commewijne, een bosrijk gebied op ongeveer vijftig kilometer ten oosten van Paramaribo. Er zouden zich gewapende mannen ophouden, en een bootsman verklaarde dat hij en zijn gezelschap daar met overmacht op afstand werden gehouden. Uit satellietbeelden bleek dat er sinds 2013 in dat gebied bouwactiviteiten plaatsvonden en dat er meerdere stenen woningen en een landingsstrip voor een klein vliegtuig aanwezig waren. Als zodanig was de locatie alleen via water of de lucht goed bereikbaar, wat in de hand werkte dat Bouterse er zich schuil kon houden.
Vanuit het westen van het land klonken bovendien geruchten over Nickerie als een mogelijke verblijfplaats. Daar zou de oud-president zich ten slotte hebben voorbereid op een gewapende confrontatie met de politie, met naar verluidt meerdere AK-47’s en andere wapens in de aanslag. De verhalen over een hele vlucht aan onderduiklocaties illustreren dat Suriname te maken kreeg met hardnekkige speculaties en dat de lokale autoriteiten moeite hadden om eenduidige informatie te vergaren.
De thuisbrengende ‘onbekenden’
De onduidelijkheid rond zijn verblijfplaats kreeg een bizarre wending toen op woensdagochtend 27 december het bericht kwam dat Bouterse dood was. In de officiële verklaring van de Surinaamse politie stond dat hij ‘s nachts rond 5.00 uur thuis in Leonsberg (Paramaribo) zou zijn afgeleverd door onbekenden. De autoriteiten vonden zijn lichaam in de woning en brachten het later naar het mortuarium voor nader onderzoek.
Journalisten die zich op de dag zelf haastten naar het riante huis van Bouterse, zagen bewapende beveiligers en kregen te horen dat ze op afstand moesten blijven. Niet veel later verdween de menigte weer en werd de weg naar de woning gebarricadeerd. In de daaropvolgende dagen vroegen velen in Suriname en daarbuiten zich af wie precies het lichaam had thuisgebracht. Ook ontstond het vermoeden dat Bouterse misschien niet al dood was bij aankomst, maar dat hij pas daar overleed.
Zowel president Chan Santokhi als ministers van Justitie en Politie, Buitenlandse Zaken en Binnenlandse Zaken ontkenden vooraf op de hoogte te zijn geweest van Bouterses verblijfplaats. Op een persconferentie enkele dagen later zei Justitieminister Kenneth Amoksi in eerste instantie dat er ‘afspraken waren gemaakt’, om zich vervolgens direct te corrigeren en te verklaren dat er ‘geen enkele deal’ was. Dit wekte argwaan bij een deel van de bevolking, die geloofde dat de regering een subtiel akkoord zou hebben gesloten: Bouterse zou in ruil voor een stille aftocht en het vermijden van opsluiting de zekerheid hebben gekregen dat hij thuis kon sterven.
Formeel stelt de regering dat men niet wist waar Bouterse verbleef. En hoewel er eind december invallen waren in panden die aan de oud-president werden gelinkt, was hij telkens net vertrokken. Deze samenloop van omstandigheden versterkte de indruk van een zorgvuldig geregisseerde verdwijning en thuiskomst, die misschien pas in een later stadium in al haar details zal worden opgehelderd.
Ingrid Bouterse-Waldring
Ingrid Bouterse-Waldring (63) reageerde in de eerste dagen na het overlijden van haar echtgenoot slechts spaarzaam. Pas toen het Surinaamse OM via een persbericht liet weten dat Bouterse overleden was aan complicaties van leverfalen, als gevolg van chronisch alcoholgebruik, gaf zij een uitgebreide reactie op Facebook. Zij verklaarde dat het ‘pijnlijk’ en ‘vernederend’ was om via de media te moeten vernemen hoe haar man was gestorven. Volgens haar was het begrijpelijk dat justitie een onderzoek instelde, omdat Bouterse voortvluchtig was en men wilde uitsluiten dat er een misdrijf was gepleegd. Toch vond ze het publiceren van de doodsoorzaak in medische termen onnodig kwetsend.
Haar kritiek richtte zich met name op het feit dat de Surinaamse regering eerder had opgeroepen tot respect rond het afscheid van Bouterse, terwijl het OM volgens haar niet bijdroeg aan die waardige houding door de medische details wereldkundig te maken. Ze stelde bovendien dat de familie niet had gevraagd om een staatsbegrafenis. Ook gaf ze aan dat de nadruk op ‘chronisch alcoholgebruik’ in het publieke discours de waardigheid van haar gezin aantastte. Haar hartekreet vond weerklank bij aanhangers van Bouterse, die meenden dat de Surinaamse autoriteiten de oud-president via deze publiciteit alsnog wilden beschadigen.
Het gemengde sentiment in de Surinaamse samenleving
In de dagen na de dood van Bouterse heerst in Paramaribo en omstreken een wankele rust. Op straat en in markten wordt de oud-president zowel geprezen als bekritiseerd. Voorstanders herinneren zich bijvoorbeeld de gesubsidieerde boodschappenpakketten uit zijn regeringsperiode (2010-2020) en de manier waarop hij mensen kon ‘betoveren’ met zijn charme. Anderen, met name oudere Surinamers, wijzen op de trauma’s van de dictatuur in de jaren 80, de Binnenlandse Oorlog (1986-1992), de avondklokken, en de politieke moorden waarvoor hij is veroordeeld.
Toch is er in Suriname opvallend weinig openlijke vijandigheid op straat. De meeste mensen zeggen dat het oordeel over Bouterse uiteindelijk aan God is. Terwijl men zich herinnert hoe hij als sergeant in 1980 de coup leidde die de Nationale Militaire Raad (NMR) oprichtte en later verantwoordelijk werd gehouden voor de Decembermoorden, is er ook het besef dat hij decennialang een allesbepalende figuur was. Niet alleen zijn directe slachtoffers ondervonden de gevolgen, ook talloze Surinaamse burgers maakten een periode door van angst en ontwrichting.
De twijfels over de vraag waar Bouterse precies ondergedoken zat, of hij mogelijk hulp kreeg van hoge functionarissen en hoe hij aan zijn einde kwam, sijpelen door in gesprekken op straat. Politieke tegenstanders en mensenrechtengroeperingen vinden het vooral schokkend dat Bouterse kennelijk ongezien kon sterven zonder dat politie of justitie daar enig effectief zicht op had. Aanhangers van Bouterse menen juist dat de oud-legerleider ‘in vrede’ heeft kunnen gaan, en dat er, ondanks alle beschuldigingen, toch een zekere mate van waardigheid in zijn laatste uren bestond.
Geen staatsbegrafenis, wél halfstok
De regering van president Chan Santokhi besloot dat Bouterse geen staatsbegrafenis krijgt. Tegelijk maakte men bekend dat er wél een nationale blijk van respect zou zijn: op de dag van de uitvaart hangen de vlaggen halfstok bij regeringsgebouwen. Die beslissing wordt door velen in Suriname begrepen. De man was immers een voortvluchtige veroordeelde en het zou bizar zijn als hij toch de hoogste eerbewijzen zou krijgen.
Ingrid Bouterse schreef in haar verklaring dat de familie sowieso al geen staatsbegrafenis ambieerde. Dit voorkomt een grotere controverse, aangezien een officiële ceremonie waarschijnlijk onrust zou hebben gezaaid. Minister van Buitenlandse Zaken Albert Ramdin, minister van Binnenlandse Zaken Bronto Somohardjo en minister van Justitie en Politie Kenneth Amoksi traden gezamenlijk op in een persconferentie om te benadrukken dat de regering rust en respect wil bewaren rond de uitvaart.
De precieze datum van de begrafenis liet even op zich wachten: uiteindelijk werden 3 en 4 januari genoemd als mogelijke data voor de herdenkingen. Tot die tijd kondigden de autoriteiten geen dagen van nationale rouw af en ook voor de overheidsinstellingen bleven de roosters onveranderd. Dit benadrukt nogmaals dat de staat Bouterse in ieder geval publiekelijk niet als held, maar als een in opspraak geraakte oud-president beschouwt.
Politiek en politie: “Wij wisten van niets”
President Chan Santokhi herhaalde diverse malen dat hij niet wist waar de voortvluchtige Bouterse zich bevond. Ook meerdere ministers van zijn regering lieten weten niet op de hoogte te zijn geweest van een eventuele overeenkomst om de oud-president ongestoord in zijn villa te laten sterven. Santokhi verwees naar de politieverklaring dat Bouterse ‘s ochtends vroeg door onbekenden thuis was gebracht.
Nederlandse media publiceerden ondertussen mogelijke versies van een deal, waarin Bouterse en de regering zouden hebben afgesproken dat hij in Leonsberg zou kunnen sterven zonder arrestatie. Minister Amoksi, die zoals eerder gesteld bij een persconferentie even verzuchtte dat ‘het was afgesproken’, ontkende vervolgens formeel elke voorkennis.
Rondom deze ogenschijnlijke dubbelzinnigheid van de overheid gonst het van de speculaties. Binnen de regering maakt men zich er echter weinig zorgen om. Men wijst erop dat er geen bewijs is voor een geheime afspraak en dat iedereen die over meer informatie beschikt, die moet delen met de procureur-generaal. Sommigen geloven dat de regering een pragmatische keuze maakte: Bouterse arresteren terwijl hij ernstig ziek was, kon leiden tot escalatie en onrust, terwijl de dood van de ex-president, hoe controversieel ook, een pragmatische uitweg uit de impasse zou zijn. De regering weigert in elk geval stellig te erkennen dat zij voorkennis had.
Journalistieke onthullingen en getuigenverklaringen
Vanuit verschillende Surinaamse en buitenlandse media kwamen nieuwe details naar voren in de week na Bouterses overlijden. Zo berichtten Surinaamse kranten over het mogelijke bouwcomplex in Commewijne, waarin de oud-president zich zou hebben opgehouden. Nederlandse media, waaronder RTL Nieuws en De Telegraaf, spraken met getuigen die zeiden dat Bouterse eerder in Nickerie was geweest, in afwachting van een mogelijk gewapende confrontatie.
Een bootsman liet weten dat hij met vrienden werd weggestuurd door gewapende mannen op een locatie in de buurt van de Cassewinicakreek, waarna collega’s hem vertelden dat het gebied van Bouterse was. In Frans-Guyana, dat maar een paar minuten vliegen van Commewijne verwijderd is, waren eveneens berichten dat Bouterse in de bossen van Suriname verbleef. Aangezien hij medisch hulp nodig had vanwege ernstige nierproblemen, suggereerden enkele anonieme bronnen dat hij misschien artsen in- en uitvloog via een klein vliegtuigje.
Ook schreef De Telegraaf uitvoerig over een ‘koningsdrama’ rond de laatste wens van Bouterse om naar Leonsberg terug te keren en daar in alle rust te sterven. Volgens de krant zou hij in Nickerie wapens, goud en contant geld hebben klaarliggen. Zodra duidelijk werd dat hij er fysiek slecht aan toe was, zou de hoogstnoodzakelijke en delicate overtocht naar Paramaribo in het geheim zijn georganiseerd. De media wezen erop dat Suriname een klein land is waar iedereen elkaar kent; voor Surinamers is het lastig te geloven dat politie en justitie echt niet wisten waar de oud-president uithing.
Het verdriet van de nabestaanden
Terwijl de ene kant van Suriname opgelucht lijkt dat Bouterse niet langer een splijtzwam is, uit de directe kring van de oud-president grote verontwaardiging over de manier waarop zijn dood in het nieuws kwam. De weduwe beklaagt zich over de wijze waarop het OM de doodsoorzaak ‘rücksichtslos’ openbaar maakte. Haar Facebook-bericht benadrukte dat ze niet verlangt naar extra eerbewijzen, maar vooral om respect voor haar overleden man en het gezin verzoekt.
De familie, waar ook (pleeg)kinderen en kleinkinderen bij horen, heeft lange tijd in onzekerheid geleefd. Bouterse was slechts bij uitzondering bereikbaar, zo blijkt uit een getuigenis van oud-ondervoorzitter van de Nationale Democratische Partij (NDP), Ramon Abrahams. Hij verklaarde dat hij een telefoontje kreeg op de ochtend dat Bouterse zich eigenlijk bij de gevangenis had moeten melden. Bouterse zei slechts: “Ik ben weg. Doe wat je moet doen.” Daarna volgde nog één brief. Volgens Abrahams was het duidelijk dat zijn politieke leider geen plannen had om zich ooit aan justitie over te geven.
De nabestaanden en de top van de NDP hebben uiteindelijk samen besloten dat de uitvaart op 3 en 4 januari plaatsvindt, zonder dat de staat zich formeel mengt in de organisatie. Het gebrek aan een officiële ceremonie is voor de familie geen verrassing, gezien de veroordeling tot twintig jaar cel. Tegelijk heerst er bij aanhangers van Bouterse een gevoel van frustratie: een man die zich decennialang ‘volkspresident’ noemde, wordt nu zonder veel plichtplegingen begraven.
Een bewogen laatste etappe
Hoewel de precieze omstandigheden nog altijd niet tot in detail zijn opgehelderd, valt uit een reeks getuigenissen en mediaberichten een globaal beeld te schetsen van Bouterses laatste weken. Hij zou een zwakke gezondheid hebben gehad en al enige tijd aan zwaar alcoholmisbruik hebben geleden. Mede door eerdere nierproblemen en vermoedelijk andere aandoeningen was hij er in december 2023 slecht aan toe.
Waarschijnlijk verbleef hij in het binnenland, in een afgelegen gebied in de jungle, totdat bleek dat hij zijn einde voelde naderen. Op dat moment zou hij zich tot zijn vertrouwelingen hebben gewend met het verzoek: “Breng me naar huis. Ik wil geen vernedering in de gevangenis en geen confrontatie met de politie.” Er zijn aanwijzingen dat ook topfunctionarissen of belangrijke figuren in de beveiligingssector hiervan op de hoogte waren.
In de nacht van dinsdag op woensdag werd Bouterse volgens diverse bronnen, mogelijk nog levend, naar zijn woning in Leonsberg gebracht, waar hij enkele uren doorbracht met zijn vrouw Ingrid. Tegen drie uur ’s nachts zouden verschillende familieleden en kennissen zijn gearriveerd voor een afscheid. Omstreeks vijf uur volgde een melding bij de politie dat er een lijk was ‘afgegeven’. De schouwarts kwam ter plaatse en stelde de dood vast, en volgens het OM kon deze rond 23 of 24 december zijn ingetreden. Die schijnbare tegenstrijdigheid is bron van geruchten over wanneer Bouterse werkelijk zijn laatste adem uitblies.
Daarna werd het lichaam in beslag genomen voor autopsie. Het rapport van de patholoog-anatoom wees op leverfalen bij ernstige leverfibrose, veroorzaakt door chronisch alcoholgebruik, als meest waarschijnlijke doodsoorzaak. Tegelijkertijd houdt het OM de optie open dat Bouterse al wat langer dood was. Mogelijk werd zijn lichaam gebalsemd of anderszins geprepareerd om het vervoer van Commewijne of Nickerie naar Paramaribo te faciliteren. Dit is echter niet formeel bevestigd en behoort vooralsnog tot het onopgeloste mysterie.
“Hij heeft zoveel levens ontwricht”
Ook indirecte slachtoffers van Bouterses bewind voelen de gevolgen nog steeds. Stephan Sanders schreef in zijn column in NRC dat Bouterse niet alleen vijftien directe slachtoffers maakte bij de Decembermoorden, maar dat hij ook talloze levens ontwrichtte met zijn jarenlange machtsvertoon, coups en oorlogen. Sanders stelt dat zijn eigen man, toevallig ook Delano geheten, het land moest ontvluchten tijdens de Binnenlandse Oorlog in de late jaren 80. Jaren later kwam deze vlucht hem in Nederland goed uit: hier bouwde hij een toekomst op. Maar dat zo’n toekomst werd afgedwongen door angst, oorlog en politieke chaos, rekent Sanders Bouterse zwaar aan.
Voor velen gold hetzelfde: een periode van repressie, geweld en onvoorspelbaarheid. Bouterse kon mensen tegelijk charme en angst inboezemen. Zijn politieke achterban, voor een belangrijk deel verzameld in de Nationale Democratische Partij, bleef tot de dag van vandaag trouw, maar talloze anderen zijn nog altijd getraumatiseerd door zijn bewind. De dood van Bouterse brengt die pijn en oude wonden opnieuw boven tafel, aldus de columnist.
Regering en justitie
Officieel blijft het Surinaamse Openbaar Ministerie doorzoeken naar de ‘onbekenden’ die Bouterse thuisbrachten. Men wil weten of er medeplichtigen of medeverdachten moeten worden vervolgd, omdat zij een voortvluchtige hebben geholpen. Maar vooralsnog is er nog geen arrestatie verricht. Ook president Santokhi geeft aan dat hij weinig kan toevoegen: “Het is aan het OM, dat gaat over de opsporing.”
Een opmerkelijke factor is dat minister Ramdin van Buitenlandse Zaken in een persconferentie zei: “Niet alles is altijd zichtbaar,” en op vervolgvragen vooral ontwijkend antwoordde. Wat de regering exact wist en wie eventueel een oogje dichtdeed, is daarmee onzeker. De minister van Justitie ontkent dat er sprake was van een vooraf overeengekomen ‘overlijdensafspraak’, maar temidden van verwarrende persconferenties blijft de publieke opinie verdeeld.
Hoe nu verder?
In Suriname zelf is het debat over de Decembermoorden en zijn politieke nalatenschap nooit stilgevallen. In mei 2024 zijn er parlementsverkiezingen en de NDP, Bouterses partij, is nog altijd een aanzienlijke factor. Het is echter onduidelijk of de NDP na deze gebeurtenissen een sterke stem behoudt. Bouterse was de onbetwiste leider en zijn charisma zorgde voor veel politieke successen. Met zijn vertrek ontbreekt die magnetische persoonlijkheid en zal de partij zich moeten heruitvinden.
De toekomst van de geschiedenisboeken
Een belangrijk sentiment onder Surinamers is dat Bouterse, ondanks al zijn macht en misdaden, nooit een dag in de cel heeft doorgebracht. Hij stierf als vrij man, omringd door naasten, al was het onder clandestiene omstandigheden. Sommige burgers stellen dat hiermee ook recht is gedaan aan zijn status als voormalig legerleider en president, terwijl anderen benadrukken dat dit schril afsteekt tegen de veroordeling en het gebrek aan gerechtigheid voor de nabestaanden van de Decembermoorden.
Voor president Santokhi en zijn regering is de episode-Bouterse mogelijk ‘gesloten’, maar misschien ook niet. De vraag naar eventuele doofpotafspraken, corruptie en medeplichtigheid kan een rol blijven spelen. Daarnaast zijn er maatschappelijke organisaties en nabestaanden die zich willen blijven inzetten om de waarheid naar boven te brengen en de volledige verantwoordelijkheid van iedereen die in deze zaak een rol heeft gespeeld, te laten vaststellen.
Ondertussen kijkt Suriname vooruit naar de grote economische uitdagingen. De staatsschuld, die voor een deel te wijten is aan beleidskeuzes van Bouterse in zijn laatste regeringstermijn (2015-2020), blijft een zware last. De dood van de oud-president zal daar niets aan veranderen, maar de politieke erfenis is voelbaar in elk publiek debat.
De dood van Desi Bouterse heeft voor een korte, onstuimige periode gezorgd in Suriname, maar niet meteen geleid tot massale onrust. Velen proberen te begrijpen hoe het kan dat een veroordeelde, voortvluchtige ex-president, beladen met zoveel controverse, in alle stilte kon overlijden en thuis kon worden neergelegd, terwijl de regering zegt van niets te weten. De daaropvolgende onthullingen van het OM over chronisch alcoholmisbruik en leverfalen hebben tot woede geleid bij de weduwe, die spreekt van ‘een pijnlijk en vernederend’ persbericht.
Tegelijk laat de maatschappij zien dat er ruimte is voor nuance en respect, zelfs rond een figuur als Bouterse. Sommigen noemen hem een ‘volkspresident’ met charmes, anderen herinneren zich vooral de militaire dictatuur, de oorlog, en de moorden waarvoor hij is veroordeeld. Journalistieke speurtochten naar zijn schuiladres in de binnenlanden, beweegredenen van vrienden en trouwe secondanten en de raadsels rond zijn nachtelijke ‘transport’ naar Leonsberg dragen bij aan de mythevorming die Bouterse tot zijn laatste snik omhulde.
Waar de weduwe en de familie met boosheid reageren op de openbaarmaking van medische details, blijft de regering aansturen op kalmte rond de uitvaart. Er komt geen staatsbegrafenis, maar wel een halfstok gehesen vlag op de dag van de plechtigheid, wat het officiële mengsel van erkenning en distantie weerspiegelt. Met zijn dood zijn vragen over medeplichtigheid, mogelijke deals, en de schade die hij Suriname heeft berokkend niet verdwenen.
Vooralsnog lijkt Suriname, een klein land waar roddels en waarheden elkaar snel afwisselen, er vooral op gebrand om de gebeurtenissen af te sluiten. Velen beseffen dat een definitieve veroordeling in de rechtszaal niet heeft geleid tot Bouterses gevangenschap, maar tot een stille dood buiten de spotlights. De man die bijna een halve eeuw lang de touwtjes in handen had, is binnengehaald door ‘onbekenden’ en stervend of reeds dood aangetroffen in zijn eigen huis. De ontrafeling van dit ‘koningsdrama’ zal nog lang in de lucht hangen, maar zijn begrafenis lijkt het einde van een verhaal dat Suriname nooit volledig heeft kunnen ontsnappen.
Wie in de komende tijd Paramaribo bezoekt, zal merken dat het leven zijn gewone loop hervat. Surinamers praten onderling, met de typisch nuchtere mengeling van humor, achterdocht en verdriet. Terwijl het OM het onderzoek voortzet en de NDP zich organiseert voor de komende verkiezingen, rest de vraag of Bouterses geheimen nog boven tafel komen. Mocht dat niet gebeuren, dan zal de naam Desi Bouterse ongetwijfeld blijven rondspoken als het grootste en meest omstreden hoofdstuk in de naoorlogse geschiedenis van Suriname.