Sportwagenfabrikant Lola verdwijnt

Peterselieman

Sportwagenfabrikant Lola houdt op te bestaan. Het roemruchte Engelse merk stond sinds mei onder curatele en heeft geen investeerder aan weten te trekken die het merk in leven wilde houden. Hierdoor komt er een eind aan 53 jaar autosporthistorie.

Lola is vooral bekend van de activiteiten in de Formule 1, maar bouwde ook het IndyCar-chassis waarmee Arie Luyendyk in 1990 de Indianapolis 500 op zijn naam schreef. Het was niet de enige zege van het Britse merk op de heilige Amerikaanse grond, want onder meer in 1966 was Graham Hill ook al succesvol geweest op de Brickyard. Ook in andere IndyCar-races werden door de jaren heen successen geboekt.

Het in 1958 door Eric Broadley opgerichte merk richtte zich in de jaren zestig al snel op de Formule-klassen, waaronder Formule Junior, Formule 3 en Formule 2. In de Formule 1 was Lola in verschillende periodes onder eigen naam actief, maar slaagde er nimmer in om een race te winnen. Samen met Honda slaagde het in 1967 wel in de Grand Prix van Italië met coureur John Surtees. De laatste echte poging was in 1997 met Mastercard als sponsor, maar dit liep op niets uit, omdat de bolide een jaar eerder dan gepland moest debuteren.

In de sportscars was Lola met name succesvol met de T70 die eind jaren zestig, begin jaren zeventig gebruikt werd. In die tijd werd ook de Ford GT40 geïntroduceerd die met behuld van Lola ontwikkeld was. Ook in latere periodes was het bedrijf succesvol, maar het mislukte F1-project werd het merk uiteindelijk fataal, omdat het niet meer op kon boksen tegen de grote teams. De Ierse miljonair Martin Birrane wilde Lola nog nieuw leven inblazen, maar tevergeefs.