Column: Grand Prix van Engeland

Dubbeldrank
Jarno Trulli gaf in Frankrijk eigenlijk al de opmaat voor de Grand Prix van Engeland. Zoals Jarno zat te slapen in die één-na-laatste bocht een week geleden, zo stond het hele afgelopen weekend in het kader van de slapende coureurs.

De eerste die ik zou willen noemen is Olivier Panis. Dat je tijdens de kwalificatie op zo’n manier de snelle ronde van een mededeelnemer kun verknallen vereist wel een hele hoge mate van ogen dicht en verstand op nul. Eén van de weinige voordelen van de huidige manier van kwalificeren is dat iedere rijder zijn eigen tijd op de baan krijgt, zonder het risico op verkeer. Als je als Panis dan zo langzaam gaat en nog lekker op de ideale lijn blijft rijden ook, dan verdien je gewoon dat je tijd afgenomen wordt. Niet dat Massa daar iets mee opschiet, maar toch.

Nog zo’n slaapkop moet Pantano zijn. Wat die zaterdagavond heeft uitgespookt weet ik niet, maar veel slaap zal hij voor de Grand Prix niet gehad hebben. Dat je tijdens een race met twee wielen op het gras probeert in te remmen voor een bocht, dat zijn fouten die je zelfs nauwelijks ziet in de allerlaagste klassen van autosport. Dat een coureur die zichzelf ongetwijfeld tot de 20 beste rijders ter wereld rekent, tot twee maal toe die fout maakt in een race op topniveau is echt bedroevend. Een foutje door gebrek aan concentratie gebeurt zelfs de besten wel eens, maar hiermee laat Pantano toch wel zien dat hij zijn status als betalende achterhoedecoureur waard is.

Van net niet helemaal hetzelfde niveau is Marc Gene. Die was zelf misschien wel redelijk bij de les, maar het was vooral zijn optreden dat slaapverwekkend was. Ook vorig jaar mocht hij al eens invallen voor Ralf, en ook toen reed hij volledig onopmerkelijk rond op het circuit van Monza. Ook in Frankrijk zette de testcoureur van Williams een onzichtbare race neer, maar toen deed Montoya dat ook en kon je nog denken dat het aan de auto lag. Maar dat een rijder die zoveel ervaring heeft in die auto zo schijnbaar inspiratieloos kan rondrijden is verbluffend. Je zou zeggen dat die jongen wil bewijzen dat hij één van de stoeltjes die volgend jaar vrijkomen waard is, maar na zo’n race kan hij dat natuurlijk wel vergeten. Dat Ralf er snel uitziet op het moment dat een ander in zijn auto zit is geen goede reclame voor Gene. Dit is trouwens wel meteen het bewijs dat niet iedere coureur meteen snel is in een goede auto, maar dat is een andere discussie.

Terug naar de slapende coureurs: Barrichello. Niet alleen sliep hij weer eens door een herstart na een Safety Car periode heen, maar hij bewees ook weer eens een dromer van wereldformaat te zijn. Afgelopen weekend werd het bekend dat Barrichello een aanbod om voor Williams te gaan rijden heeft afgeslagen. Nou is op zich de Ferrari wel de snellere auto, dus ik neem hem dat niet zo heel erg kwalijk, maar zijn opmerking dat de kans om wereldkampioen te worden bij Ferrari groter is vind ik overoptimistisch. Aardige jongen hoor, die Barrichello, geen onverdienstelijk coureur en een teamspeler van wereldformaat (het gerucht gaat dat Otto Rehhagel zijn voetballende Grieken video’s van Barrichello laat zien om ze te leren hoe je jezelf moet wegcijferen voor het team). Maar hoeveel races moet Michael nog winnen voor Rubens eindelijk wakker wordt en beseft dat hij nooit kampioen zal worden met de Duitser in hetzelfde team?

Tot volgende race, droom lekker verder,

Ared