In 2025 al Amerikaanse staatsburger gedood door immigratiepolitie
De landelijke ophef na de dood van twee Amerikanen in januari dit jaar krijgt een nieuwe wending. Uit intern onderzoek blijkt dat de 23-jarige Ruben Ray Martinez al op 15 maart 2025 werd doodgeschoten door een federale agent. Hiermee is hij, voor zover bekend, de eerste Amerikaanse staatsburgerdie tijdens de tweede ambtstermijn van president Trump door toedoen van de immigratiepolitie om het leven kwam.
De feiten op een rij
Op 15 maart 2025 vond een schietincident plaats op South Padre Island, Texas. Hoewel de lokale politie destijds een summier persbericht uitbracht, werd de betrokkenheid van de federale immigratiepolitie (DHS) volledig buiten de publiciteit gehouden.
Pas na een rechtszaak, aangespannen door de non-profitorganisatie American Oversight, gaf het ministerie van Binnenlandse Veiligheid (DHS) vorige maand openheid van zaken.
Tegenstrijdige verklaringen
Rondom de dood van Martinez heerst grote onduidelijkheid door tegenstrijdige getuigenissen en politierapporten:
Lezing van DHS: De dienst stelt dat Martinez een agent opzettelijk aanreed, waardoor deze op de motorkap belandde. Een tweede agent zou vervolgens het vuur hebben geopend om zijn collega te beschermen.
Lezing van getuige: Joshua Orta, die als passagier in de auto zat, verklaarde destijds dat er geen sprake was van een aanrijding. Volgens hem werd er zonder waarschuwing van korte afstand door het raam geschoten terwijl zij de auto aan het keren waren.
Noot: Orta kan zijn getuigenis niet meer toelichten; hij kwam onlangs om bij een auto-ongeluk.
Gebrek aan transparantie
De moeder van het slachtoffer, Rachel Reyes, werd aanvankelijk in het ongewisse gelaten over wie verantwoordelijk was voor de dood van haar zoon. Haar werd slechts verteld dat hij "bevelen had genegeerd".
Een woordvoerder van de Amerikaanse immigratiedienst ICE benadrukt dat het beleid voorschrijft dat elk geweldsincident gemeld en onderzocht moet worden. Waarom de dood van Martinez echter elf maanden lang is verzwegen, blijft vooralsnog onbeantwoord door het ministerie.