Project Stek Oost stort in door geweld, onveiligheid en mislukte integratie

Het plan voor Stek Oost in Amsterdam moest een voorbeeld zijn van een plek waar jonge bewoners en statushouders samen zouden wonen. De gemeente wilde dat 250 mensen in één complex elkaar zouden ontmoeten tijdens gewone dagelijkse momenten, van koken tot samen buiten zitten. Die hoop is snel verdwenen, want het project kreeg al vroeg te maken met ruzies, dreiging en een groeiend gevoel van onveiligheid.

Bewoners melden geweld, aanrandingen, groepsverkrachtingen, steekpartijen en veel drugsgebruik. Een bewoner zegt: "Daar schrik je wel van." Een ander reageert dat er soms iets gebeurt, maar dat hij niet alles kan plaatsen wat rondgaat. Toch kreeg een Syrische bewoner inmiddels drie jaar cel voor twee verkrachtingen, wat het vertrouwen in het project verder onder druk zette.

De VVD zegt dat het project moet stoppen en is boos dat de gemeenteraad niet hoorde dat woningcorporatie Stadgenoot zelf al wilde stoppen. VVD-raadslid Myron von Gerhardt zegt: "Als ik dit eerder had geweten, dan had ik daar nog harder voor op de trom getrapt." Tussen bewoners is er weinig geloof over wat Stek Oost moest worden. Een van hen zegt: "Ik heb helemaal geen tijd daarvoor."

Stadgenoot laat nu weten dat Stek Oost stopt. Een duidelijke uitleg over hoe het zo mis kon gaan blijft uit, en vragen over verantwoordelijkheid leveren vooral afstand op. Het beeld van een plek waar mensen samen groeien heeft plaatsgemaakt voor een project dat met veel schade ten einde komt.