Tweede Kamer wil invloed van minister op OM schrappen
De Tweede Kamer wil de minister van Justitie niet langer de macht geven om het Openbaar Ministerie te instrueren of iemand wel of niet vervolgd moet worden. Een meerderheid stemde voor een initiatiefvoorstel van D66-Kamerlid Sneller om deze bevoegdheid uit de wet te verwijderen. Kamerlid Sneller pleit voor het afschaffen van deze aanwijzingsbevoegdheid omdat hij bezorgd is over "onze democratische rechtsstaat". Hoewel er al tientallen jaren geen gebruik van is gemaakt, biedt dat volgens hem geen zekerheid. "We moeten ervoor zorgen dat onze wetgeving bestand is tegen iemand die aan de macht komt met slechte bedoelingen." Hij vreest dat zo iemand het OM kan dwingen bijvoorbeeld een politieke tegenstander te vervolgen.
'Niet meer vanzelfsprekend'
Tijdens het Kamerdebat over zijn initiatiefwet verwees Sneller vorige week naar verschillende Europese landen en de Verenigde Staten: "We zijn bijna blindelings overtuigd dat onze democratische rechtsstaat altijd zal blijven bestaan. Dat vertrouwen moeten we koesteren. Maar als we om ons heen kijken, zien we dat dat allang niet meer vanzelfsprekend is."
Demissionair minister Van Oosten uitte in hetzelfde debat zijn onenigheid met het voorstel. Hij stelt dat "waar macht is", zoals bij het OM, "er ook tegenmacht moet zijn". Volgens hem gaat met het verdwijnen van de aanwijzingsbevoegdheid ook "het systeem van checks and balances" verloren dat Nederland heeft opgebouwd. Hij zou dan niet langer de mogelijkheid hebben "om in uiterste gevallen bij te sturen wanneer het OM een verkeerde keuze maakt".
Nu de Tweede Kamer de wet heeft aangenomen, gaat deze door naar de Eerste Kamer.
