Iran voor keuze: oorlog met Israël of de-escaleren?
Israël heeft vannacht zijn grootste rechtstreekse aanval ooit op Iran uitgevoerd, waarbij het zich bewust heeft beperkt tot militaire doelwitten. Deze actie volgt op een periode van verhoogde spanningen, nadat Iran meer dan drie weken geleden een salvo van meer dan 180 ballistische raketten op Israël afvuurde. Die Iraanse aanval was weer een reactie op Israëlische acties tegen Iraanse proxy-troepen in de regio.
De Israëlische regering had een ‘harde’ reactie beloofd en er werd gespeculeerd dat deze zou kunnen bestaan uit het aanvallen van Iraanse nucleaire installaties, energie-infrastructuur of zelfs de leiders van het land. Door zich echter te richten op puur militaire doelwitten, lijkt Israël een signaal af te geven dat het bereid is tot de-escalatie, mits Iran dat ook is.
De mate van schade die de Israëlische aanval heeft aangericht, zal bepalend zijn voor Irans volgende stap. Als de schade aanzienlijk is, is de kans groot dat Teheran zijn belofte nakomt om opnieuw te reageren. De omvang van een eventuele Iraanse tegenaanval zal veel zeggen over de intenties van het land. Een nieuwe raketaanval met minder projectielen dan bij de vorige aanval zou kunnen duiden op een wens tot de-escalatie, terwijl een grotere aanval dan die van 1 oktober de regio dichter bij een totale oorlog zou brengen.
Israël bereidt zich intussen voor op een mogelijke snelle reactie van Iran. De Islamitische Revolutionaire Garde (IRGC) van Iran staat op scherp om zich te verdedigen tegen de verwachte Israëlische acties en heeft mogelijk al plannen klaarliggen voor verdere militaire stappen. Hoewel Iran zwakkere luchtverdedigingssystemen heeft dan Israël, heeft het fors geïnvesteerd in een arsenaal van ballistische en kruisraketten.
Deze recente ontwikkelingen zijn niet de eerste directe militaire confrontatie tussen de twee landen. In april vuurde Iran honderden raketten en drones af op Israël, als vergelding voor een dodelijke Israëlische aanval op een Iraans consulaatgebouw in de Syrische hoofdstad Damascus. De meeste van deze projectielen werden onderschept door het geavanceerde Israëlische luchtverdedigingssysteem, dat wordt ondersteund door de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en andere bondgenoten.
Destijds werd Israël geadviseerd om de aanval te accepteren zonder verdere escalatie, een advies dat het land enigszins opvolgde door zonder publieke aankondiging slechts een defensiefaciliteit nabij Isfahan in centraal Iran aan te vallen. Dit keer heeft Israël er echter voor gekozen om openlijk te verklaren dat het reageert op Irans aanval van 1 oktober.
Beide naties proberen hun afschrikkingspositie te herstellen in een regio die sinds de verwoestende terreuraanval van Hamas op Israël op 7 oktober vorig jaar op het randje van een totale oorlog balanceert. Hamas, dat door Iran gesteund wordt, heeft sindsdien te maken met intense Israëlische vergeldingsaanvallen waarbij inmiddels al meer dan 42.000 mensen omkwamen, er ruim 100.000 gewond raakten en miljoenen mensen op de vlucht zijn. Tegelijkertijd is Israël verwikkeld in conflicten met Hezbollah in Libanon, de grootste door Iran gesteunde paramilitaire organisatie, en voert het militaire operaties uit tegen door Iran gesteunde militanten in Irak, Syrië, Jemen en op de Westelijke Jordaanoever.
De directe confrontatie met Iran vormt momenteel echter de grootste dreiging voor een regionale escalatie. De internationale gemeenschap kijkt met groeiende bezorgdheid toe, in de hoop dat diplomatieke inspanningen kunnen voorkomen dat het conflict uitmondt in een wijdverspreide oorlog die de stabiliteit van het Midden-Oosten volledig zou ondermijnen.
