Hoge uitval in huisartsenpraktijken bedreigt continuÔteit zorg

In één week tijd vielen bij bijna 60 procent van de huisartsenpraktijken huisartsen en medewerkers uit door ziekte of quarantaine. Dat blijkt uit een peiling onder 2400 huisartsen door de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) over uitval vorige week. De LHV maakt zich zorgen over de continuïteit van de zorg en pleit voor snelle toegang tot sneltesten COVID-19 voor huisartsen en hun medewerkers.

Gemiddeld viel 17 procent van de huisartsen en medewerkers uit en bij 4 procent van de praktijken was de uitval 50 procent of hoger. Van de waarnemende huisartsen die reageerden op de peiling, 25 procent, zei 12 procent in de afgelopen week zelf te zijn uitgevallen of aangenomen werk te hebben moeten annuleren vanwege ziekte of quarantaine. Over hoe láng de uitval duurt, werden in de peiling geen vragen gesteld.

Twee derde van de huisartsen loste het uitval in de praktijk op door bijvoorbeeld over te werken of roosters te wijzigingen. Maar, zo stelt een LHV-woordvoerder, ‘dat voert de druk op de andere medewerkers in de huisartsenpraktijk verder op’.

Een deel van de uitval werd op andere manieren opgelost. Zo noemde 13 procent van de respondenten thuiswerken, bijvoorbeeld administratie of telefonische consulten, als oplossing.

Volgens de LHV leidde het uitval van huisartsen en medewerkers bij 22 procent van de praktijken noodgedwongen tot het bieden van minder huisartsenzorg. ‘We moeten echt voorkomen dat huisartsenpraktijken moeten afschalen. Zeker nu de ziekenhuizen noodgedwongen moeten afschalen, moeten we de huisartsenzorg draaiende houden. Voor de patiënten is de huisarts nu nog meer het eerst aanspreekpunt geworden’, aldus de woordvoerder.

De LHV stelt al wekenlang in overleg te zijn met het ministerie van VWS, RIVM en GGD GHOR over een snelle toegang tot gevalideerde sneltesten voor huisartsenpraktijken. De LHV wil dat huisartsen en medewerkers in hun eigen praktijk getest kunnen worden en dat er dan direct duidelijkheid is over hun inzetbaarheid.