Samenvatting betoog OM pro formazitting Ruinerwold

‘Woorden en daden verdachten zaak-Ruinerwold waren figuurlijke slot op de deur’ Er is geen fysiek slot op de deur nodig als bewijs voor wederrechtelijke vrijheidsberoving of gijzeling. Dit betoogden de officieren vandaag in de zaak-Ruinerwold tijdens de eerste pro forma zitting bij de Rechtbank Noord-Nederland, locatie Assen.

Alle negen kinderen geven aan dat de jongste zes kinderen – die aangetroffen werden medio oktober vorig jaar in een boerderij in Ruinerwold – nooit zijn aangegeven bij de burgerlijke stand, nooit naar school zijn geweest en altijd verborgen zijn gehouden voor de buitenwereld. Niet alleen in Ruinerwold, maar ook in Hasselt, Zwartsluis, Staphorst en Meppel.

Over bestaan kinderen mocht niet worden gesproken
De jongste zes kinderen leefden vanaf hun geboorte in afzondering, werden binnengehouden en moesten stil zijn zodat niemand zou merken dat zij bestonden. De oudste drie kinderen mochten niet over het bestaan van hun broertjes en zusjes praten, aldus de officieren.

Daarnaast spreken alle kinderen over hun overtuiging dat contact met de buitenwereld je ‘onrein’ maakt en over ‘slechte geesten’ die in lichamen komen. Vader bepaalde wanneer een kind een ‘slechte geest’ in zich had. Dit kind werd afgezonderd, moest bidden en de andere gezinsleden mochten met dit kind geen contact hebben, soms zelfs maandenlang niet.

Een van de kinderen mocht in 2001 in Staphorst, vanaf twaalfjarige leeftijd, al niet meer bij de familie zijn. Hij verbleef in een caravan ergens anders op het land. Daarna zat hij een hele zomer in een hondenhok in een schuur.

Verklaring bevestigd door dagboeken
Alle kinderen spreken over zeer ernstige fysieke straffen als hun vader dacht dat er een ‘slechte geest’ in hen zat. Dat gebeurde al vanaf zeer jonge leeftijd: vier, vijf jaar. De verklaringen van de kinderen worden bevestigd door de dagboeken die tijdens de doorzoeking in beslag zijn genomen. Meermalen wordt door de vader geschreven over ‘slechte geesten’ die in het lichaam van een van zijn kinderen zijn en over de wijze waarop die verdreven werden.

Wat in die dagboeken staat, komt tot op detail overeen met gebeurtenissen waar de kinderen over verklaren. Ook de medeverdachte verklaart over de fysieke straffen in verband met ‘slechte geesten’ en ‘slechte gemoedstoestanden’.

De buitendeuren zaten al die jaren niet op slot. De oudste drie kinderen mochten naar school en deden dit zelfstandig. Weggaan was dus fysiek mogelijk en de oudste kinderen hebben dit ook gedaan. Toch is er naar de mening van het Openbaar Ministerie al die jaren wel degelijk sprake geweest van wederrechtelijke vrijheidsberoving. Op sommige momenten klassiek door opgesloten te worden, maar op andere momenten op een minder klassieke wijze.

Vanaf geboorte afgezonderd
Vrijheidsberoving in de zin van artikel 282 ziet immers niet alleen op het opsluiten of vastbinden, maar kan ook op andere wijzen plaatsvinden. “Bijvoorbeeld door iemand te laten geloven dat zijn leven voorbij zal zijn zal als hij een perceel verlaat. Of door iemand die continu zo dicht bij je is, dat je niet weg kunt gaan”, aldus de officieren.

De vader heeft de jongste kinderen vanaf hun geboorte afgezonderd van de buitenwereld. Niemand wist van hun bestaan. Zij waren ook niet aangegeven bij de burgerlijke stand en bestonden dus feitelijk niet. Een keuze die voor hen werd gemaakt. Kinderen kunnen daar immers niet zelf voor kiezen. Een keuze die er toe heeft geleid dat zij nooit actief deel hebben genomen aan het sociale en maatschappelijk leven.

En dat laatste geldt ook voor de oudste kinderen. Zij gingen weliswaar naar school en waren dus in de buitenwereld maar mochten eigenlijk nergens aan mee doen; geen feestjes, geen schoolreisjes. “Van echte interactie op school was geen sprake en vanuit school moest je direct naar huis”, aldus de officieren ter zitting.

Daarnaast is alle kinderen altijd ingeprent dat de buitenwereld slechte invloeden meebracht. Dat het je ‘onrein’ maakte en het de missie die het gezin als ‘uitverkorenen van God’ had gekregen bedreigde.

“Als je dit van jongs af aan wordt verteld zonder dat je een kans krijgt om in vrijheid kennis te maken met de buitenwereld en te ontdekken wat je zelf vindt en gelooft, dan hoef je ook niet letterlijk opgesloten te worden om niet weg te kunnen gaan. Dat doe je niet want dan verlies je alles wat je hebt en het enige wat je kent. Alles wat je steeds is verteld en wat je hebt meegemaakt fungeert dan als een figuurlijk slot op de deur”, aldus de officieren.

De combinatie van al deze factoren kan, in onderling verband en samenhang bezien, naar de mening van het Openbaar Ministerie tot geen andere conclusie leiden dan dat deze kinderen jarenlang van hun vrijheid zijn beroofd en beroofd gehouden.

Medeverdachte
Verdachte Van D. pleegde de handelingen feitelijk. Maar ook verdachte B. wordt de jarenlange wederrechtelijke vrijheidsberoving en gijzeling van de kinderen verweten, als medeplichtige.

Uit zijn verhoren blijkt dat hij al sinds de jaren ‘80 hetzelfde geloof of dezelfde levensovertuiging aanhangt als vader en volledig achter zijn denkbeelden staat. Hij wist van de zwangerschappen van moeder, hij wist dat deze verborgen werden gehouden. Hij wist dat de jongste kinderen in het geheim werden geboren en niet werden aangegeven bij de gemeente. Hij wist dat ze niet naar school gingen, dat ze in afzondering opgroeiden en dat niemand van hun bestaan mocht weten. Hij geeft ook aan dat hij het daarmee eens was, dat hij het begreep en ondersteunde.

“Zonder verdachte B. had deze situatie niet kunnen bestaan. Zijn rol gaat verder dan medeplichtigheid. Zijn rol is essentieel. Hij heeft een wezenlijke bijdrage geleverd aan de wederrechtelijke vrijheidsberoving en gijzeling. Hij wist dat de kinderen er waren. Hij wist volgens welke overtuiging zij werden opgevoed. En hij wist dat afzonderen, opsluiten en fysieke straffen hiervan onderdeel uitmaakten. Desondanks heeft hij het gezin gedurende al die jaren, ook al in Meppel, onderdak verleend en geholpen, liet hij de kinderen die van het gezin afgezonderd waren bij hem verblijven en zorgde voor ze, zette hij bedrijven op zijn naam, heeft hij de boerderij in Ruinerwold voor de familie gezocht en gehuurd, heeft hij er voor gezorgd dat zij konden beschikken over geld, heeft hij ze financieel ondersteund, bracht hij wekelijks eten en andere spullen, werkte hij dagelijks in de moestuin. Hij was hun gezicht in de buitenwereld en regelde alles zodat zij verborgen konden blijven”, aldus de officieren.

Beide mannen worden ervan verdacht: Dat zij in de periode van 28 september 1989 tot en met 14 oktober 2019 in Ruinerwold, Meppel, Hasselt, Staphorst en Zwartsluis tezamen en in vereniging meermalen een of meer van de negen kinderen van Van D. van hun vrijheid hebben beroofd of beroofd hebben gehouden door buitendeuren gesloten te houden, door ze af te zonderen, door ze voor te houden dat wanneer zij contact zouden hebben met buitenwereld er slechte geesten in het lichaam zouden komen en door ze pijn te doen, telkens met het oogmerk om de overige kinderen te dwingen geen contact te hebben met de buitenwereld en te leven volgens de regels van de door beide verdachten aangehangen geloofsovertuiging.

Dat zij in de periode van 14 oktober 1999 tot en met 14 oktober 2019 in Ruinerwold, Meppel, Hasselt, Staphorst en Zwartsluis tezamen en in vereniging de negen kinderen van Van D. van hun vrijheid hebben beroofd of beroofd hebben gehouden, door ze af te zonderen, door ze op te sluiten, door ze voor te houden dat wanneer zij contact zouden hebben met buitenwereld er slechte geesten in het lichaam zouden komen en door ze te pijn te doen.

Dat zij in 2009 in Meppel tezamen en in vereniging slachtoffer (…) van zijn vrijheid hebben beroofd door hem aan handen en voeten op te hangen, door hem vast te binden, door hem te slaan en te schoppen en hem in een kleine ruimte op te sluiten. 

Dat zij in de periode van 14 oktober 1999 tot en met 14 oktober 2019 in Ruinerwold, Meppel, Hasselt, Staphorst en Zwartsluis tezamen en in vereniging een groot geldbedrag hebben witgewassen.

Verdachte Van D. wordt naast bovengenoemde feiten nog verdacht van een drietal andere strafbare feiten:

Mishandeling dan wel benadeling van de gezondheid van zijn negen kinderen in de periode van 14 oktober 2007 tot en met 14 oktober 2019 in Ruinerwold, Meppel en Hasselt door hen te slaan, te stompen, te schoppen, door hen eten en drinken te onthouden en door hen de nodige medische of psychische zorg en lichamelijke verzorging te onthouden. 

Seksueel misbruik van (…), die toen wel de leeftijd van 12 en niet de leeftijd van 16 had bereikt, in de periode van augustus 2004 tot en met 10 augustus 2008 in Hasselt, Zwartsluis en/of Meppel 

Seksueel misbruik van(…), die toen wel de leeftijd van 12 en niet de leeftijd van 16 had bereikt, in de periode van 13 november 2002 tot en met 13 november 2006 in Hasselt, Zwartsluis en/of Meppel.
Deel dit op