Historisch: Graham Hill

In zeer dichte mist stortte op de avond van 29 november 1975 een klein vliegtuigje neer op een golfbaan in het zuidoosten van Engeland. Het ongeluk kostte vijf leden van het Embassy Hill raceteam het leven, waaronder dat van de piloot, tweevoudig wereldkampioen Formule 1 Graham Hill.

Norman Graham Hill was een laatbloeier voor racebegrippen. Op zijn vierentwintigste zat hij voor het eerst in zijn leven achter het stuur van een auto. Zijn eerste wagen was een Austin uit 1929 die hem zeventig dollar had gekost en het ontbreken van werkende remmen was volgens Hill zelf een pluspunt. Hij zei later in een interview dat alle racecoureurs zo'n auto zouden moeten hebben: "De belangrijkste kwaliteiten van een coureur zijn concentratie, inzet en anticipatie. Met een 1929 Austin ontwikkel je alle drie -- anticipatie waarschijnlijk het meest."

Begin jaren '50 reed Hill zijn eerste rondjes in een racewagen, een oude Formule 3-auto waarmee hij voor vijf shillings per ronde op Brands Hatch mocht rijden. Hij was gelijk verslingerd aan het racen en kreeg niet snel daarna een baan als monteur bij het befaamde Lotus Formule 1-team. Ondertussen nam hij deel in allerlei raceklasses en in 1958 besloot teambaas Colin Chapman dat Hill rijp was voor het echte werk, en beloonde hem met een volledig seizoen Grands Prix.

De Lotus was echter langzaam en onbetrouwbaar en in 1960 stapte Hill over naar BRM, waar hij in 1962 zijn eerste race won en datzelfde jaar direct het wereldkampioenschap in de wacht sleepte. Hij nam een aantal jaren deel aan de Indianapolis 500 en won de beroemde race in 1966. BRM ging echter bergafwaarts en in 1967 ging Hill terug naar Lotus. Het jaar daarop werd hij opnieuw wereldkampioen, maar niet voordat zijn teamgenoot en voornaamste titelkandidaat Jim Clark tragisch om het leven kwam.

Graham Hill was een charismatisch man en werd met zijn karakteristieke snor, zijn venijnige oogopslag en zijn snelle humor aanbeden door de media. Hij was een rokkenjager, ondanks het feit dat hij getrouwd was en kinderen had, en kocht op een gegeven moment een vliegtuig en riep zichzelf uit tot 'Hilarious Airways'.

De racecarrière van Hill kreeg een dramatische wending in 1969. Hij liet tijdens de Amerikaanse Grand Prix zijn motor afslaan na een spin, stapte uit om de wagen aan te duwen en vervolgde zijn weg, zonder zijn gordels weer vast te maken. Een klapband zorgde echter voor een tweede spin en Hill werd uit de wagen geslingerd. Ondanks zijn zware verwondingen zat hij maanden later opnieuw achter het stuur, maar kon geen potten meer breken en startte zijn eigen team.

Het team Embassy Hill bestond uit slechts een handvol monteurs en was akelig langzaam. Hill was de enige coureur, maar nadat hij zich niet kwalificeerde voor de Grand Prix van Monaco in 1975, de race die hij eerder vijf maal had gewonnen, gooide hij de handdoek in de ring en zette het jonge talent Tony Brise achter het stuur.

Zowel Hill als Tony Brise en alle monteurs van het Embassy Hill-team zaten in het vliegtuigje dat op die mistige nacht, aanstaande dinsdag dertig jaar geleden, probeerde te landen op het vliegveld van Elstree. Het vliegtuig raakte een aantal bomen en stortte neer. In de vlammenzee verloor Engeland hèt gezicht van de Britse autosport van de jaren '60.