De gevaren van verplichte online identificatie

Danny

Er sluipt iets gevaarlijks onze samenleving binnen, verpakt als veiligheid, fatsoen en verantwoordelijkheid: de verplichte online identificatie. Wat ooit begon als een discussie over het tegengaan van nepaccounts, desinformatie en online haat, groeit langzaam uit tot een systeem waarin anonimiteit op internet niet langer een recht is, maar een verdacht privilege.

In Griekenland wil men bijvoorbeeld sociale mediaplatforms verplichten om accounts te koppelen aan echte identiteiten, zodat autoriteiten eenvoudig kunnen achterhalen wie er achter een profiel zit. Op papier klinkt dat misschien redelijk. Wie niets verkeerd doet, heeft toch niets te verbergen? Dat is vaak het eerste argument van mensen die de gevaren niet zien.

Maar vrijheid werkt niet op basis van vertrouwen in de machthebber van vandaag. Vrijheid moet bestand zijn tegen de machthebber van morgen.

Wat vandaag een normale mening is, kan morgen ineens verdacht zijn. Wat vandaag een maatschappelijk debat is, kan over tien jaar als extremisme worden bestempeld. Geschiedenis leert ons dat wetten zelden kleiner worden; ze groeien, verschuiven en worden steeds ruimer geïnterpreteerd.

Neem alleen al het publieke debat rond biologische sekse en gender. Tien jaar geleden was het volstrekt normaal om te zeggen dat er twee biologische geslachten zijn. Dat was geen provocatie, geen extremisme, maar simpelweg een breed gedeeld uitgangspunt op basis van wat simpelweg biologische feiten zijn. Vandaag kan diezelfde uitspraak in sommige landen, sectoren of online platforms worden bestempeld als discriminatie, haatzaaien of het allesomvattende en nergens duidelijk gedefinieerde of afgekaderde "hate speech". Of men het daarmee eens is of niet, het punt is duidelijk: normen verschuiven, soms razendsnel.

Als elke online uitspraak permanent gekoppeld is aan je officiële identiteit, wordt iedere mening een potentieel dossierstuk voor een toekomstige overheid met andere opvattingen.

En regeringen wisselen. Wat begint onder een keurige democratische vlag, kan eindigen onder leiders die minder vriendelijk omgaan met afwijkende meningen. Een systeem dat gebouwd is om "slechte mensen" te controleren, staat morgen klaar voor iedereen die simpelweg niet meer in de pas loopt.

Daarnaast is er nog iets waar overheden opvallend luchtig over doen: hacks.

Men doet alsof databases veilig zijn. Alsof overheden en grote techbedrijven onaantastbare forten zijn. Dat is een fantasie. Overheidsdatabases lekken. Grote bedrijven worden gehackt. Identiteitsgegevens verdwijnen op straat. Complete persoonsgegevens worden verkocht voor een paar euro op obscure forums.

Als elk online account direct gekoppeld is aan je officiële identiteit, betekent één lek niet alleen een privacyprobleem, maar een permanente kwetsbaarheid. Je politieke voorkeuren, uitspraken, contacten, discussies, meningen — alles wordt herleidbaar. Niet alleen voor de staat, maar ook voor criminelen, activistische groeperingen, totaalgekkies als Volkert, extremisten, fundamentalisten, kwaadwillenden en buitenlandse partijen.

Anonimiteit online is geen speeltje voor trollen. Het is een beschermlaag voor journalisten, klokkenluiders, dissidenten, slachtoffers van misbruik, werknemers die misstanden melden, en gewone burgers die zonder angst een impopulaire mening willen uitspreken.

De vrijheid om anoniem te spreken is niet verdacht; het is een fundament van een vrije samenleving.

Natuurlijk moeten bedreiging, stalking en strafbare feiten aangepakt worden. Maar daar bestaan al juridische middelen voor. Daarvoor hoef je niet van iedere burger standaard een digitaal paspoort te eisen bij elke tweet, post of reactie. We accepteren toch ook niet dat iedereen permanent gevolgd wordt op straat omdat er soms iemand een misdrijf pleegt?

De roep om online identificatie komt voort uit een gevaarlijke gedachte: dat veiligheid belangrijker is dan vrijheid. Maar een samenleving die vrijheid inruilt voor controle, krijgt uiteindelijk geen van beide.

De vraag is niet of je vandaag bang bent voor de overheid. De vraag is of je bereid bent een systeem te bouwen dat je ook vertrouwt wanneer de verkeerde mensen aan de knoppen zitten.

Want vrijheid is nooit bedoeld voor tijden waarin alles goed gaat.

Vrijheid is juist gemaakt voor de dag dat dat niet meer zo is.