Boeren

Lagging stuurde via de Columnsubmit de volgende column in:

Ik heb een hekel aan boeren.

Nu zult u bij zo'n uitspraak denken: "daar heb je er weer een met stadse fratsen", tenzij u uit de Randstad komt, want dan denkt u wellicht "ik ook", maar nee, ik kom van oorsprong uit West-Zeeuws-Vlaanderen en een van mijn grootouders was een klein boertje (wiens boerderij door overijverige Canadezen in een maanlandschap werd veranderd, maar dat terzijde). In die zin zou ik dus zeker niet geneigd zijn om de vermeende tegenstelling tussen plattelanders en stedelingen ten faveure van stedelingen uit te leggen. Waar mijn ergernis zich op toespitst zijn "echte" boeren, oftewel landbouwers. En om heel specifiek te zijn, het spitst zich niet toe op boeren in persona, waarvan ik er persoonlijk slechts enkele ken, maar op hun politieke invloed.

De politieke invloed van boeren is grotendeels gebaseerd op historische aspecten. Voor de industrialisatie hadden de hereboeren het min of meer voor het zeggen. Zij bezaten het overgrote deel der productie-middelen en dus ook onevenredig veel politieke macht. Door de industrialisatie en de daaropvolgende verschuiving naar dienstverlening is het aandeel van de landbouw in het GDP van de meeste westerse naties tot enkele procenten gekrompen, maar de politieke invloed is nooit evenredig afgenomen.

In Nederland is de macht van de boeren tegenwoordig vooral verankerd in het CDA en in sterk mindere mate in de kleine christelijke partijen. Omdat het CDA vanuit het midden van het politieke spectrum opereert en appeleert aan religieuze tendenzen bij de voornamelijk oudere aanhanger is de partij min of meer gegarandeerd van een vrij grote invloed in de politiek, zowel landelijk als binnen EU-verband en is de invloed van de boeren nooit echt in gevaar. Binnen Europa is het vooral van de zeer invloedrijke Fransen evident dat de agrariŽrs er min of meer de politieke dienst uitmaken. Ook in de VS is dit verschijnsel evident, voornamelijk via de Senaat, omdat iedere staat twee senatoren mag leveren ongeacht het aantal inwoners. Daar de meeste staten, behalve die aan de kust, zich nooit uit de dominantie van de landbouw hebben kunnen ontwikkele,n is de macht van de boeren in de Senaat dan ook buitenproportioneel ten opzichte van het aandeel in het GDP.

Natuurlijk bestaan er in alle genoemde landen buiten de politieke structuur ook zeer zware goedgefinancierde landbouw-lobbies en heeft ieder genoemd land een landbouw-ministerie ge-opereerd voor en door boeren (men denke aan subsidiespons Veerman), wat in populistische termen te vergelijken zou zijn met Verdonk's deel van het ministerie van Justitie in handen geven van uitprocedeerde asielzoekers (nog 26.000 sollicitanten op voorraad). Daarnaast mag men graag schermen met varianten van het idee dat alles, wat niet in het belang van de boeren is, tot voedeltekorten zal leiden, wetende dat dit de meeste mensen (en dan voornamelijk het type persoon dat hier het lezen van deze column al voortijdig heeft opgegeven) zeer diep in hun psychologische oerinstincten tast.

Nu zult u op het eerste gezicht wellicht niet zo met de macht der boeren inzitten, maar de politieke invloed van de boeren heeft drastische en zeer dramatische invloeden op de economie, de cultuur en de staatsveiligheid van het westen. Daar zal ik infra met een paar voorbeelden duidelijkheid in proberen brengen.

Eerst echter wil ik wijzen op de symptomen van de politieke invloed van de boer, die zich financieel laat meten in directe subsidie aan boeren, vaak gemeten naar areaal-oppervlak, directe subsidie op landbouw producten gemeten naar volume, prijsgarantstellingen (compensatie van het verschil tussen de werkelijke markt-waarde en de willekeurig waarde bepaald door de belangen-organisaties (de ministeries), export subsidies en laatst importheffingen en quota's. Natuurlijk bestaat daarnaast nog het woud aan regelgeving, maar dat nakammen in een column als deze is onbegonnen werk wat mij zelfs het laatste handjevol volhardende lezers van deze column zou kosten. Wanneer dit laatste u echt interesseert kan ik u aanraden om op een mooie zomerse dag in West-Zeeuws-Vlaanderen u eens te laten verwelkomen door het visite kaartje van de Brabantse varkensbaronnen. Zelfs zonder details is nadere uitleg dan volstrekt overbodig.

Het hoeft geen betoog dat de subsidies, betaald uit de algemene middelen, u een schep belastinggeld kosten. Waarom een boer goed is voor tienduizenden euros aan subsidies, voor producten waar niemand gebrek aan heeft of simpelweg omdat hij de eigenaar van een stuk grond is, terwijl een bijstandstrekker, waar ook niemand gebrek aan heeft, het moet doen met een paar duizend euro valt op basis van principes moeilijk te verklaren. Tenslotte werken beide niet of nauwelijks. Verreweg het meeste landbouw werk wordt gedaan in loondienst vanwege de kosten van de machines of, omdat Polen nou eenmaal vrij goedkoop zijn.

Ook de garantieprijzen kosten u klauwen met geld, want het leidt tot een enorme overproductie die de echte marktwaarde nog verder drukt. Die overproductie moet dan of vernietigd worden (op uw kosten), of opgeslagen (op uw kosten) of geŽxporteerd worden (met export subsidies op uw kosten). De iets oudere lezer zal zich de boterbergen uit de jaren 80 (kabinetten Lubbers) nog wel herinneren die voor een habbekrats naar Rusland werden verkocht terwijl de boter in Nederland door de prijsgaranties duurder was dan ooit.

De twee meest problematische aspecten van de politieke macht der boeren zijn echter de export subsidies en import heffingen en quota's. Zoals ik hierboven al impliceer worden de overschotten, voornamelijk veroorzaakt door de prijsgaranties, meestal geŽxporteerd. Dit lijkt aardig omdat men buiten de westerse landen zo goedkoop kan meeprofiteren van de macht der boeren en ons afval, maar in praktijk resulteren de exportsubsidies in het kapotconcurreren van de lokale landbouw. Voor Derde Wereldlanden is dit een ramp, omdat die naast mineralen vaak nauwelijks een andere industrie dan landbouw hebben. Het gevolg is dan ook zonder uitzondering toenemende instabiliteit en een stroom van economische vluchtelingen naar het westen. We zien dit bijvoorbeeld gebeuren met de Europese export naar Afrika waar we ons gewoontelijk uitpraten door te stellen dat Afrikanen lui, dom en oorlogszuchtig zijn, maar het meest meetbare is dit na de invoering van NAFTA.

Toen NAFTA werd ingevoerd door de Clinton-adminstratie, werd dit door Mexico gezien als een kans om Amerikaanse productie naar Mexico te verhuizen door de goedkopere werkkrachten en regelgeving aldaar. Dit gebeurde dan ook volgens voorspelling, maar is de laatste jaren opgedroogd door de nog goedkopere productie in China. NAFTA stelde echter ook de Mexicaanse markt open voor de zwaar-gesubsidieerde Amerikaanse boeren-kliek die in een paar jaar hun ongesubsidieerde (en natuurlijk minder efficiente) collega's in het zuiden kapot concurreerden. Het gevolg was een meetbare kaalslag van het Mexicaanse platteland, wat weer een illegale exodus naar de VS in gang zette. Het gevolg daarvan was weer dat de VS die vloedgolf niet wist te verwerken en er een volledig ongeÔntegreerde illegale onderklasse ontstond die zich kenmerkt door analfabetisme, criminaliteit, armoede en het volledig ontbreken van enige kennis van de Engelse taal. Ironisch genoeg vonden veel van die illegalen werk bij de boeren die hun in Mexico van hun inkomen beroofd hadden, wat de boeren weer motiveert om de stroom illegalen op gang te houden. Een ander gevolg was dat de Amerikaanse grenswacht, kleingehouden door de Amerikaanse industriŽlen, boeren en allochtonengroepen, volledig verzoop in de massas illegalen en zo mogelijk de deur nog verder openzette voor drugs- en sekslavinnen-transporten en de instroom van staatsgevaarlijke personen.

De importheffingen en quota's zijn zo mogelijk nog desastreuzer. Aan de ene kant zijn ze desastreus voor andere landen, omdat zij zo toegang tot een markt wordt onthouden wat min of meer dezelfde gevolgen heeft als de exportsubsidies beschreven hierboven, maar het heeft ook gevolgen voor de westerse landen zelf. Een bekend voorbeeld is de suikerindustrie, waarin de Europese bietenproductie vele malen duurder is dan de prijs op de wereldmarkt die op rietsuiker draait. Natuurlijk hoeft u geen sympathie te hebben voor de suikerriet boer in Thailand, maar wellicht hield u die tientallen euro's waarmee u de suikerbietboer subsidieert in de supermarkt (suiker wordt tenslotte verwerkt in veel producten) liever in uw bezit.

Een minder bekend maar veel crucialer voorbeeld is olie. Olie? Ja, olie. Wellicht heeft u president Bush in zijn laatste State of the Union gehoord over de olie-verslaving en het gebruik van switch-grass via omzetting naar ethanol als energiebron en dacht u voor een paar seconden dat de westerse wereld nu echt wat aan de olie-afhankelijkheid ging doen. De feiten liggen echter net iets iets anders. Switch-grass is een snelgroeiend soort gras dat enkel te vinden is in Republikeinse staten en nog vele jaren van efficient gebruik verwijderd is. Dat is leuk voor de achterban, leuk voor de boeren die het op hun verder waardeloze land hebben staan en veilig voor de olie-magnaten. Daarentegen produceert men nu echter wel al ethanol uit koren, maar dat is vooralsnog zo inefficient dat zelfs de huidige 27 dollar per vat aan subsidie voor de boeren die het produceren het niet rendabel maken in vergelijking met een vat olie van (op dit moment) 66 dollar. Wat Bush en zijn collega's in Europa u echter niet vertellen is dat bijvoorbeeld landen als BraziliŽ, India, Nigeria, Pakistan en Thailand al staan te popelen om ethanol op basis van riet te leveren tegen het equivalent van $25 per vat. Omdat een standaard motor met een mengsel van 10% alcohol geen enkel probleem heeft en auto's zo'n beetje een derde van alle olieconsumptie voor hun rekening nemen valt dus van vandaag op morgen door vermenging zo'n 3.33% van alle geconsumeerde olie te besparen tegen een directe prijsvermindering van 6.3% per liter benzine. Bovendien zou de lagere vraag naar olie de prijs van olie doen zakken voor een indirect nog lagere prijs per liter benzine. Flex-motoren, de volgende generatie motoren, kunnen zo'n 85% ethanol aan wat op korte termijn per jaar tientallen miljarden liters olie zou kunnen besparen en een lelijke streep zou halen door de rekening van de moslimfanaten die zowel de jihad als de moskeen in Nederland met oliegeld financieren.

Dat leek u wel wat? Helaas hoeft u er nog niet op te gaan zitten wachten. De macht der boeren reikt namelijk zover dat men zowel in de VS als in de EU 100% importheffingen op ethanol heeft ingevoerd zodat de invoer en het gebruik ervan nauwelijks meer aantrekkelijk zijn. En zelf produceren is noch rendabel noch toereikend op lange termijn wat volume betreft.

Vandaar mijn hekel aan boeren.